dinsdag 6 september 2011

Mythen



Rond hoogbegaafdheid heersen er veel mythen.

Velen gaan er van uit dat hoogbegaafden wonderkinderen zijn. Dat ze alles kunnen, dat ze altijd hoge resultaten halen op school, dat ze nooit problemen hebben enzovoort. 

Vaak denkt men bij hoogbegaafden ook al vlug aan een stereotiepe nerd of Einstein

De realiteit is echter anders: hoogbegaafden zijn een risicogroep. Als men hen niet voldoende begeleidt en stimuleert, kunnen ze hun motivatie verliezen. Met als gevolg dat ze kunnen gaan onderpresteren en allerlei andere negatieve gevolgen ervaren. 

Hoogbegaafden kunnen ook niet alles even goed, niet op alle vlakken zijn ze even snel en ze moeten ook inspanningen leveren om te presteren. De ene hoogbegaafde kan een aanleg hebben voor wiskunde maar ondertussen slecht presteren in taalvakken

Hoogbegaafden blinken vaak enkel uit in hun interessegebieden. 

Soms wordt er ook van uitgegaan dat hoogbegaafden veel dezelfde persoonlijkheidskenmerken hebben (dat ze op dezelfde manier leren of zich hetzelfde gedragen). Maar in de praktijk zijn hoogbegaafden onderling meer verschillend dan gelijk.

Bron: wikipedia

2 opmerkingen:

  1. Hebben Hoogbegaafden dezelfde Myer-Briggs indicator , of hetzelfde enneagram . of zitten daar toch verschillen tussen?

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Ik zou vanuit mijn gevoel zeggen dat daar verschillen in zitten. Zijn er hier mensen die daar concrete ervaring mee hebben?

    BeantwoordenVerwijderen