dinsdag 30 november 2010

Tips voor meer energie en innerlijke rust



Enkele tips van de hooggevoelig.com website
Wat als u als hooggevoelig persoon weer goed in uw vel zit? Dan is de kans groot dat u van nature plichtsgetrouw, loyaal, fel op kwaliteit, goed in details, intuïtief, visionair, begaafd en attent bent. Bovendien heeft u dan ook een goede invloed op het sociale klimaat in uw (werk)omgeving. En u voelt zich daar plezierig bij. Zet nu de eerste stap om dat te bereiken. Wat gaat u doen?

Tips voor meer energie en innerlijke rust

  • Accepteer uw situatie om goed om te gaan met uw energie en onnodig energieverlies te vermijden
  • Ken en respecteer uw grenzen en maak uw grenzen liefdevol heel duidelijk aan anderen
  • Leef niet alleen in uw hoofd; voel regelmatig op de dag ook even de rest van uw lichaam
  • Zorg voor een goede voeding en voldoende vitaminen, mineralen, water
  • Doe de juiste mate van beweging op de voor u juiste hartslag en de juiste ademhaling en kom regelmatig buiten. (Veel mensen met vermoeidheidsklachten hebben ook last van lichte of zwaardere hyperventilatie, hetgeen verzuring van de spieren en vermoeidheid veroorzaakt.)
  • Let op een goede afwisseling van rust en activiteiten
  • Kies voor goede activiteiten en gedachten en stel de vraag: "Geven ze me energie of kosten ze me energie, nu en op de langere termijn?"
  • Blijf rustig bij energieschommelingen, doe bij pieken toch vrij kalm aan (om energie te laden voor het herstel van het lichaam en energiereserves op te bouwen voor mindere dagen), en accepteer bij dalen dat het energiesysteem wil opladen en blijf dan toch enigszins actief. Ook kunt u in het laatste geval visualiseren hoe u wilt dat uw leven er over twee jaar uitziet.
  • Let op uw dag- en nachtritme
  • Beperk energieverlies door juist om te gaan met gevoelens, gedachten en emoties en gebruik te maken van visualisaties
  • Blijf lachen, of u het meent of niet, het verhoogt uw weerstand en is nog gratis ook
  • Leer EFT en/of TAT en werk aan alles waar u hinder van ondervindt, zie heling praktisch en doelgericht.

woensdag 24 november 2010

Met hangende pootjes



Gisteren is mijn dochter weer voor de eerste keer naar school gegaan, na een maandje thuis zitten.

Ze keek er enorm naar uit en voor het eerst in jaren hoefde ik haar 's ochtends niet aan te sporen. Tien minuten voor de bus kwam stond ze al te trippelen in de gang, muts op en handschoenen aan.

Een heel wat minder enthousiast kind kwam 's avonds de woonkamer binnen.  Hoe 't was op school?  Ging wel.  Of ik het een beetje naar mijn zin had?  Ik heb op één van de kleintjes gepast.

Precies die antwoorden waar mijn voelsprieten van overeind komen.  Geen leuke dag op school dus, of in elk geval, niet wat zij er had van verwacht.  Je merkt aan heel haar fysieke uitdrukking dat ze teleurgesteld is.

En nu moet ik wachten.  Wachten tot mijn hooggevoelig Aagje haar emoties met mij wil delen.  Wachten tot zij er klaar voor is.  Wachten tot ze het veilig genoeg vindt.  Tot de vlinder op haar eigen tempo uit zijn coconnetje breekt.  Het enige wat ik kan doen is observeren en haar de tijd en ruimte geven.

Vanochtend werd ze wakker met keelpijn en een 'ik voel me niet zo lekker mama' gevoel.  Het feit dat het maar een half dagje is hielp niet zo veel.  Dus vertrok ze, met hangende pootjes.  Om 2 minuten later weer aan de deur te staan: bus gemist.  Wat nu mama?

Dus heb ik haar maar langs een andere route naar school gestuurd.  Met de tram.  En toen ze de deur uitstrompelde maar getoond dat ik haar tranen niet zag.

Ik deel met je een wondermooi gedicht van Cornel van Noppen van haar website http://www.bas-info.org/nieuwetijdskinderen/

kwetsbaar
 
je bent zo kwetsbaar
zoals je in het leven staat

zo snel verdrietig
over wat men doet en zegt

woorden raken soms zo diep
maar de buitenwereld beseft dat niet

woorden als scherpe messen
snijdend in je ziel

je hebt nog geen antwoord
kent nog geen vlucht

's nachts
als je in bed ligt

kun je niet loskomen
van je gevoel

je voelt je eenzaam
hoort er vaak niet bij

doet altijd alles anders
dan zij

maar op een dag
zal het anders zijn 

als je groot genoeg bent
en sterk

dan durf je te zijn
wie je bent

donderdag 18 november 2010

Trop is Trop



Gisteren zijn we bij Ikea gaan lunchen.  Of beter gezegd, we hebben een dappere poging ondernomen on het langer dan een half uur vol te houden in het restaurant van Ikea.  En zijn daar dus niet in geslaagd.
Geen goed idee om daar op woensdag middag af te spreken!  Maar mijn dochter was uitgenodigd op school voor een gesprek en mijn moeder wil nieuwe zetels.  Dus dachten we het aangename aan het nuttige te koppelen.
Om 10 uur viel het nog wel mee.  We namen ruimschoots de tijd om alle zetels uit te proberen.  Mijn moeder's gevoeligheid uit zich vooral op het fysieke vlak.  't Is dus niet zo eenvoudig om de juiste zetel te vinden!
Al bij al was de voormiddag een succes en het was dan ook met een tevreden gevoel dat we aanschoven langs het self-service buffet.  Achteraan een rustig plekje gevonden.  Maar al snel bleek dat er meer mensen zo over dachten.  Binnen het half uur zat het restaurant vol met schreeuwende kinderen en verdween de conversatie die we hadden in een achtergrond van schrapend bestek en kletterende borden.  Opgediend met een heerlijk sausje van wat Ikea wellicht 'stemmingsmuziek' noemt.
Ook al uit het hooggevoelig zijn zich op totaal andere manieren bij mijn moeder, mijn dochter en mezelf, toch hebben we één gemeenschappelijke trigger die on zo de kast op jaagt: drukte!
Dus hebben we ons eten binnengeschrokt en stonden we een half uur later weer in de koele buitenlucht op de parking.  Oef!

Vandaag wil ik een hele mooie tekst van Pearl Buck met je delen 

"The truly creative mind in any field is no more than this:
A human creature born abnormally, inhumanly sensitive.
To him...
a touch is a blow,
a sound is a noise,
a misfortune is a tragedy,
a joy is an ecstasy,
a friend is a lover,
a lover is a god,
and failure is death.
Add to this cruelly delicate organism the overpowering necessity to create, create, create
...so that without the creating of music or poetry or books or buildings or something of meaning,
his very breath is cut off from him.
He must create, must pour out creation.
By some strange, unknown, inward urgency he is not really alive unless he is creating."
-Pearl Buck-  



woensdag 10 november 2010

Hebben alle hooggevoelige kinderen dan problemen?



Ik wil als antwoord op deze vraag graag een tekst met je delen die geschreven werd door Ellemieke Puma in haar eindwerk: In hoeverre is hooggevoeligheid een adequaat concept voor orthopedagogische diagnostiek?

Marletta-Hart (2003) benadrukt dat hooggevoeligheid geen afwijking of ziekte is, het is een karaktereigenschap. Toch hebben nog veel hooggevoelige mensen moeite om met hun eigenschap om te gaan zolang ze er onvoldoende rekening mee houden (Marletta-Hart, 2003).
Zonder goede strategieën hebben hooggevoeligen meer moeite zich staande te houden in prikkelvolle situaties. Omdat ze meer subtiele storingen waarnemen raken ze sneller uit balans.
Soms raken hooggevoeligen, zowel volwassenen als kinderen, zodanig uit balans dat ze fysieke, geestelijke of emotionele stress ervaren. Dit kan kleine en grote gevolgen hebben (Marletta- Hart, 2003).

Zowel Aron (2004a) als Marletta-Hart (2003) onderscheiden twee soorten overprikkeling.
Wanneer iemand kortstondig overprikkeld is, heeft diegene een situatie onderschat. Hij/zij is te lang met een voor hem/haar ongezonde activiteit doorgegaan en heeft de signalen die het lichaam gaf niet of te laat opgemerkt. Dit zijn vaak situaties waarin gepresteerd moet worden, die onverwacht en onaangekondigd zijn, die te maken hebben met onbekende personen of groepen, die plaatsvinden in een onrustige en herrieachtige omgeving en/of die emotioneel belastend zijn. Belangrijk hierbij is dat veelvuldige kortstondige overprikkelingssituaties samen een cumulatief proces kunnen vormen. Want meer en verschillende stimuli bij elkaar opgeteld leiden tot een overactiviteit van het zintuigstelsel en kunnen hiermee langdurige stress uitlokken (Aron, 2004a; Marletta-Hart, 2003). 

Niet één persoon is natuurlijk hetzelfde. Bij ieder mens ligt de grens van té veel ergens anders. Ook de symptomen van overprikkeling uiten zich bij iedereen een beetje anders. Meestal is er sprake van één of meer van de volgende symptomen:
  • onrust
  • hartkloppingen
  • rood worden
  • emotionele zwenkingen
  • geheugen- en
    concentratieverlies
  • vermoeidheid
  • slapeloosheid
  • piekeren
  • bibberen
  • het gevoel een knoop in je maag te hebben
  • stijve spieren
  • zweten
  • niet opmerken of herkennen van hongerimpulsen en andere lichamelijke signalen
  • snauwerig en agressief gedrag
  • terugtrekking uit sociale situaties
    verlegenheid en/of angst (Marletta-Hart, 2003). 

Kortstondige overprikkeling is zeer hinderlijk en kan wanneer het over een langere periode optreedt een cumulatief probleem worden (Marletta-Hart, 2003). 

Langdurige overprikkeling komt volgens Aron (2004a) en Marletta-Hart (2003) anders tot stand en heeft meer ingrijpende gevolgen. Langdurige overprikkeling vindt plaats wanneer meer overprikkelingsfactoren over langere tijd aanhouden. Er is dan sprake van een cumulatief proces en er vindt een fysisch-chemische aanpassing plaats in het lichaam in de vorm van een hormonale wijziging. 

Als iemand langdurig overprikkeld is, verandert zijn handelen diepgaand en soms hiermee ook de persoonlijkheid (Aron, 2004a; Marletta-Hart, 2003). Iedereen, hooggevoelig of niet, ontwikkelt beschermings-mechanismen. Hij/zij onderdrukt bijvoorbeeld emoties, probeert met extreem gedrag op te vallen, ontwikkelt verslavingen, trekt zich terug uit het sociale leven, ontwikkelt angstneuroses etc. 

Deze mogelijke vervormingen doen iemand op de lange duur niet goed (Marletta-Hart, 2003).
Volgens Aron (2004a) blijkt in de praktijk dat langdurige overprikkeling in een groot aantal gevallen al plaatsvond in de eerste levensjaren van een hooggevoelig persoon. Het zijn bijvoorbeeld kinderen die opgroeien in instabiele gezinnen. Wanneer de eerste omgeving voor een kind niet veilig en liefdevol was, heeft dat voor een hooggevoelig kind meer nog dan voor een minder gevoelig kind ingrijpende gevolgen (Aron, 2004a). 

Voorbeelden van instabiliteit die tot langdurige overprikkeling leiden zijn: 
  • hooggevoeligen die als kind ongewenst waren
  • die gedwongen werden dingen te doen die ze vreesden
  • die seksueel, lichamelijk of geestelijk mishandeld werden
  • die een ouder hadden met alcoholproblemen of met een lichamelijke of geestelijke ziekte
  • die te maken hebben gehad met grote ingrijpende veranderingen, zoals dood, verhuizing of scheiding, die taken toegewezen kregen die niet pasten bij hun leeftijd en ontwikkeling. 

Ook degenen die op andere wijze gekwetst zijn als kind, dragen daar hun leven lang de sporen van (Aron, 2004a). Ieder kind ervaart zijn opvoeding op unieke wijze (Aron, 2004a). Wel is het zo dat hooggevoeligen meer worden beïnvloed door de omstandigheden (Aron, 2004a; Marletta-Hart, 2003). 

Langdurige overprikkeling kan ook veroorzaakt worden in latere levensfases. Hierbij valt te denken aan oorlogservaringen of het hebben van langdurige ongezonde (familie)relaties (Marletta-Hart, 2003).
 
Een ander onderscheid dat in de literatuur naar voren komt is dat van lichamelijke of psychische problemen. Een veel gehoorde klacht onder hooggevoeligen is extreme vermoeidheid: langdurig en ongewoon moe zijn. Zo’n lichamelijke reactie is vaak het gevolg van verkeerde omgang met hooggevoeligheid. De omstandigheden hebben sommige hooggevoelige mensen onder een te grote interne of externe druk geplaatst. In sommige gevallen is de vermoeidheid dusdanig chronisch geworden dat men spreekt van een chronisch vermoeidheidssyndroom. 

Eén van de veel gehoorde psychische problemen waarmee hooggevoeligen verhoudingsgewijs vaak kampen zijn stemmingswisselingen. Veel hooggevoeligen noemen zichzelf emotioneel intens.
Zowel de positieve als negatieve emoties uiten zich in hoge pieken en diepe dalen.
Hooggevoelige kinderen die last hebben van sterke stemmingswisselingen kunnen moeite hebben om hun dagelijkse leven naar voldoening in te richten. Ze zijn bijvoorbeeld soms niet in staat om sociale verplichtingen na te komen of hebben problemen met school of studie (Aron, 2004a; Marletta-Hart, 2003; Van den Beuken, 2005).
 
Ook Muijsert-van Blitterswijk (2004) geeft aan dat we er niet omheen kunnen dat een toenemend aantal kinderen wel degelijk moeite heeft met zijn/haar hooggevoeligheid. Hiervoor zijn volgens haar twee redenen: of ze vinden het zelf moeilijk om met hun hooggevoeligheid om te gaan of ze worden hierin door omgevingsfactoren belemmerd. 
Het tweede heeft volgens Muijsert-van Blitterswijk vooral met het herkennen en erkennen van de intuïtieve kwaliteiten van deze kinderen te maken. 

Van den Beuken (2005) sluit aan bij Marletta-Hart en Muijsert-van Blitterswijk dat het wel of niet ervaren van problematiek m.b.t. hooggevoeligheid voor een groot deel wordt veroorzaakt door de reactie en omgang van de omgeving. Volgens Van den Beuken (2005) ontstaan de problemen niet door de hooggevoeligheid zelf, maar door het onderdrukken en onderwaarderen van de eigen aard van het kind. Marletta-Hart (2003) geeft ook aan dat vaak het probleem is dat kinderen met een hooggevoelig karakter tot nu toe onvoldoende begrepen werden. Ouders en leerkrachten zien slechts één aspect van het kind en noemen het aan de hand daarvan té intens, té verlegen of té veeleisend. Hooggevoeligheid hoeft volgens Marletta-Hart (2003) echter geen probleem te zijn als men beter weet hoe om te gaan met deze kinderen. Vaak worden op school en thuis andere eigenschappen gewaardeerd en gestimuleerd dan de eigenschappen van deze kinderen. Daardoor hebben zij het nogal eens moeilijk (Marletta-Hart, 2003). 

Naast hooggevoeligheid heeft ieder kind nog andere temperament-karakteristieken. Deze zijn net als hooggevoeligheid genetisch in aanleg aanwezig. Voorbeelden van andere karaktertrekken zijn bijvoorbeeld het energieniveau van het kind. Het ene kind springt voortdurend rond, het andere houdt er meer van om stil in een hoekje te gaan zitten kijken. Een andere eigenschap is zelfregulatie. Het ene kind is meer een doorzetter, een ander laat zich snel ontmoedigen. Ook zijn er verschillen in de mate waarin een kind zich goed kan concentreren. 

Wat vaststaat is dat alle hooggevoelige kinderen meer en grondiger opmerken en diepere en intensere belevingen hebben dan een gemiddeld kind.
Hierdoor lopen ze eerder het gevaar uitgeput te raken (Marletta-Hart, 2003).
 
Muijsert-van Blitterswijk (2004) geeft verder aan dat kinderen in onze hectische maatschappij vanzelf al met meer prikkels in aanraking komen en hierdoor steeds meer in de problemen raken. Overal zijn geluid-, geur- en lichtprikkels toegenomen. Wanneer een hooggevoelig persoon niet goed met zijn eigenschap omgaat, krijgt hij last omdat het zenuwstelsel voortdurend zwaar belast wordt (Van den Beuken, 2005). 

Soms komen kinderen ook door hun snelle inzichten in de problemen. Een inzicht is abstract en door jonge kinderen vaak nog niet in een eigen ervaringskader te plaatsen. Dit maakt ze emotioneel kwetsbaar. Een ruzie tussen ouders bijvoorbeeld, kan een intense indruk maken. Kinderen voelen de lading maar kunnen er nog niets mee (Muijsert-van Blitterswijk, 2004). 
Ook kan het volgens Muijsert-van Blitterswijk (2004) voor hen behoorlijk lastig zijn om hun eigen individualiteit te bepalen. Ze hebben opvoeders nodig die hen duidelijkheid, structuur en begrenzing bieden. Dit houdt onder meer in dat de kinderen duidelijk wordt gemaakt wie ze zelf zijn. Hierbij is het belangrijk om hen keuzes te leren maken, grenzen te stellen en grenzen van anderen te herkennen (Muijsert-van Blitterswijk, 2004).

dinsdag 9 november 2010

Moeder van een sensitieve jongere



't Is heerlijk om moeder te zijn  van een sensitieve puber!

  Of ik dat als grap bedoel?  Absoluut niet.  Want een hoog sensitieve dochter hebben betekent dat ik dagelijks een spiegel voorgehouden word.  Niet altijd even leuk, maar we leren er allebei heel veel uit.

  De minder aangename kant is dan weer dat hoogsensitiviteit nog steeds op een totale muur van onbegrip botst bij 'de grote massa' of zoals mijn dochter het ziet "de abnormalen".  Zij die geen flauw idee hebben wat het is en hoe het voelt om als hooggevoelige puber de wereld om je heen te ervaren.

  De voorbije weken waren voor mijn dochter heel moeilijk.  Zij is langzaam meer zeker tot het besef gekomen dat hoe zij de wereld ziet en ervaart niet is hoe iedereen de wereld ervaart.  Ze leert ook dat ieder mens een andere invulling geeft aan woorden.  Dat het dus super belangrijk is welke woorden je gebruikt als je iets wil overbrengen aan een niet-hooggevoelig persoon.

  Neem nu het woord slaan bv.  Het woordenboek zegt: 
           (iets of iemand) met je hand of ander voorwerp hard raken, of (iets of iemand) 
           daarmee in een bepaalde toestand brengen  
          `iemand in zijn gezicht slaan` 
          `je op je knieën slaan van het lachen` 
          `vuil van je jas slaan` 
          `een bal over het net slaan` 
          `bij een vechtpartij iemand tegen de grond slaan`


Dus iets of iemand hard raken.  Dus komt het neer op de ervaring 'hard'.  Hetgeen bij ons thuis betekent dat als jij langs loopt en iemand geeft je een speelse tik tegen je billen, je geslagen wordt.  Dus als je de volgende dag tegen vrienden vertelt dat je moeder je vaak slaat als ze langs loopt kan jij je voorstellen welke reacties dit geeft.

   Is de HSP'er dan een leugenaar?  Een overdrijver?  Allesbehalve.  In dit geval is de de hooggevoelige alleen maar eerlijk.

   Een eerlijkheid die vaak door de buitenwereld wordt afgestraft.

   Ben jij zelf hooggevoelig?  Heb je ervaring met hetgeen ik hierboven heb geschreven?  Dan heel graag je reactie!
 



maandag 8 november 2010

ADHD



Als mensen voor het eerst horen van de term 'hooggevoeligheid' schept het in eerste instantie vaak verwarring.  Een van de vragen die ik in de praktijk dan ook regelmatig krijg is wat nu eigenlijk het verschil is tussen hooggevoelig en ADHD want er zijn wel degelijk een aantal overlappingen.

Vandaag geef ik je de Diagnosecriteria voor ADHD door zoals samengesteld door dr. Hallowell en dr. Ratey

Dr. Edward M. Hallowell en Dr. John J. Ratey, twee Amerikaanse ADHD-deskundigen, hebben een lijst samengesteld met criteria die gebruikt kunnen worden om de diagnose ADHD te stellen. De onderstaande punten zijn gebaseerd op grootschalige klinische ervaringen, maar worden nog niet veel gebruikt door Nederlandse deskundigen.

Ten minste twaalf van de volgende criteria moeten een chronisch probleem vormen. 
 
1. Een gevoel van onderprestatie. omdat je je doelen niet bereikt. Dit punt staat bovenaan, omdat het de meest voorkomende reden is waarom volwassenen hulp zoeken. "Ik krijg het niet voor elkaar," is de meest gehoorde uitspraak. Een volwassene met ADHD kan objectief gezien al heel wat bereikt hebben, of doet zijn/haar leven al hulpeloze pogingen iets te bereiken. Hoe dan ook, in beide gevallen kampen de personen met het gevoel gevangen te zijn, niet in staat te zijn hun aangeboren capaciteiten ten volle te benutten. 

2. Problemen met het organiseren van je leven. Een belangrijk probleem voor de meeste ADHD-volwassenen. Zonder de structuur die school biedt, zonder ouders die dingen organiseren, wankelt hij/zij door de organisatie-eisen die het dagelijks leven stelt. De zogenaamde 'kleine dingen' stapelen zich op en worden hoge obstakels. Een gemiste afspraak, een verloren cheque en een vergeten deadline, en hun wereld stort in. 

3. Chronisch uitstellen, problemen om ergens mee te starten.Volwassenen met ADHD durven niet goed aan iets te beginnen, gevoed door hun angst dat ze het toch niet goed zouden doen, hierdoor stellen zij zaken uit en proberen dingen te negeren. Dit gedrag vergroot weer de angst aan de (alsmaar groeiende hoeveelheid) taken te beginnen. 

4. Veel projecten lopen gelijktijdig, problemen met voortzetten en afronden. Een gevolg van punt 3. Men stopt met iets en begint aan iets anders, maakt dit niet af en gaat weer iets anders doen.

5. Geneigd zijn te zeggen wat in het hoofd omgaat, zonder de noodzakelijke timing of gevolgen ervan in acht te nemen. Zoals een kind met ADHD in de klas, wordt de volwassen ADHD'er gedreven door enthousiasme en ongeremdheid. Een gedachte komt op en moet worden uitgesproken. Tactloosheid en bedrog vervangen in het ergste geval uiteindelijk de kinderlijke uitgelatenheid. 

6. Een voortdurende hang naar sterke prikkels (kicks) De volwassen ADHD'er is altijd op zoek naar nieuwe spanning en sensatie: iets in de omgeving dat de concurrentie kan aangaan met de wervelwind die in hem-/haarzelf woedt. 

7. Een aanleg om snel verveeld te zijn Een gevolg van punt 6. Verveling omringt de volwassen ADHD'er als een gootsteen, altijd klaar alle energie op te zuigen. De ADHD'er blijft achter met de honger naar meer stimulans. Dit kan gemakkelijk verkeerd worden uitgelegd als een gebrek aan interesse. In feite is het een relatief onvermogen interesse voor een langere tijd vast te houden. Zoveel als je ergens om geeft, zo snel loopt je batterij leeg. 

8. Snel afgeleid, concentratieproblemen, neiging af te haken of weg te dromen tijdens een conversatie, vaak gekoppeld aan een vermogen zich van tijd tot tijd te hyperfocussen. Dit zijn de voornaamste kenmerken van ADHD. Het moment van 'uitgeschakeld worden' is vrij willekeurig en onvrijwillig. Het gebeurt bij wijze van spreken wanneer de ADHD'er even niet kijkt. Het volgende wat je bemerkt, is dat je er niet meer bent. De ongelofelijke gave tot hyperfocussen komt ook veelvuldig voor. De ADHD'er gaat dan zo op in een activiteit dat je voor niets en niemand anders bereikbaar bent. Hallowell en Ratey (de samenstellers van deze lijst) pleiten dan ook voor een andere benaming van het syndroom: AIHD, Attention Inconsistency Hyperactivity Disorder. Er is namelijk geen sprake van een tekort aan aandacht, maar van een inconsequent richten van de aandacht. 
 
9. Vaak creatief, intuïtief en hoogbegaafd. Dit is geen symptoom, maar wel een belangrijk aandachtspunt. Volwassenen met ADHD hebben, doordat zij zoveel prikkels opvangen, meestal een creatieve, associatieve geest. Te midden van hun chaos en afleidbaarheid laten zij flitsen zien van briljante ideeën. Het veroveren van deze bijzondere gave is een belangrijk doel in de therapeutische behandeling van ADHD'ers. 

10. Problemen met geijkte routes en het volgen van vastgestelde procedures. In tegenstelling tot wat men vaak denkt, is dit niet het gevolg van onverwerkte problemen met autoriteiten. Het is eerder een uiting van verveling en frustratie: routine betekent het herhalen van handelingen. ADHD'ers ervaren dit als saai en zoeken naar uitdagender manieren. Zij raken gefrustreerd omdat zij niet in staat zijn dingen te doen op de wijze waarop zij verondersteld worden deze te doen. 

11. Ongeduldig: lage frustratiedrempel. Frustratie op allerlei gebied herinnert de ADHD'er aan alle mislukkingen in het verleden. "O nee," denk je "daar gaan we weer!" Woede of terugtrekken is het gevolg. Ongeduld heeft te maken met de behoefte aan stimulans. Anderen zullen dit snel zien als onvolwassen gedrag. 

12. Impulsiviteit. Bijvoorbeeld: impulsief geld besteden, plannen wijzigen, nieuwe schema's of carrièreplannen maken. Dit is een van de meer gevaarlijke van de symptomen bij ADHD-volwassenen, of, afhankelijk van de impuls, een van de meest avontuurlijke. 

13. Neiging zich nodeloos, eindeloos zorgen te maken. Wanneer de aandacht niet besteed wordt aan een specifieke taak, ontstaat een chaos aan gedachten in het hoofd van de ADHD'er. Gepieker is hier vaak een gevolg van, omdat de persoon onbewust toch behoefte heeft zich ergens op te concentreren. Het resultaat is dan een destructieve gedachtenstroom. 

14. Gevoel van dreigend onheil en onveiligheid afgewisseld met het nemen van grote risico's. Dit symptoom relateert enerzijds aan de neiging zich nodeloos zorgen te maken en anderzijds aan de aanleg voor impulsief gedrag. 

15. Stemmingswisselingen, depressie. Volwassenen (meer dan kinderen) met ADHD voelen zich overgeleverd aan een onstabiel humeur. Dit wordt zowel veroorzaakt door hun ervaringen met frustratie en/of falen als met de neurobiologische invloeden van het syndroom. 

16. Rusteloosheid. De volwassene met ADHD toont de hyperactiviteit van het ADHD-kind meestal niet. In plaats daarvan ziet men 'nerveuze energie': snel praten, trommelen met vingers, steeds verzitten, vaak opstaan van tafel en het verlaten van de ruimte, gespannen aderen in de hals en een snelle gespannen blik in de ogen. Zelfs in rust voelt de ADHD'er zich zenuwachtig, gespannen en overprikkeld. 

17. Neiging tot verslaving. Meer dan anderen hebben volwassen ADHD'ers de kans verslaafd te raken, hetzij aan een stof als nicotine, cocaïne, cafeïne of alcohol, hetzij aan een activiteit als gokken, winkelen, eten of werk. Dit heeft onder andere te maken met hun grote behoefte aan prikkels (die de ADHD'er paradoxaal genoeg kalmeren!), hun impulsiviteit en hun neiging tot hyperfocussen. Eetstoornissen komen vaak voor in depressieve periodes. 

18. Chronische problemen met gevoel van eigenwaarde. Deze zijn het directe en ongelukkige resultaat van jaren van conditionering: jaren van verteld worden dat men een kluns, een halve gare, een paniekzaaier, een druktemaker, een chaoot, een stumper, een eenling, getikt en anders is. Jaren van frustratie, falen of het niet-voor-elkaar-krijgen leiden tot een negatief zelfbeeld. Het is indrukwekkend te zien hoe veerkrachtig de meeste ADHD'ers nog zijn, ondanks al de tegenslagen. 

19. Onnauwkeurige zelfwaarneming. ADHD'ers hebben vaak een beperkte kijk op zichzelf. Zij hebben nauwelijks een idee van de invloed en uitwerking die zij hebben op andere mensen. Dit leidt vaak tot grote misverstanden en diep gekwetste gevoelens. 

20. Familiehistorie van ADHD, manisch-depressiviteit, depressies, drugs- en/of alcoholverslaving, dwanghandelingen of stemmingswisselingen. Sinds bekend is dat ADHD vaak genetisch wordt overgedragen en samenhangt met de andere bovengenoemde stoornissen, is het niet ongewoon dat deze problemen in de familie zijn terug te vinden.