donderdag 10 juni 2010

Hoogbegaafdheid



















Bijwerkingen



Hoogbegaafdheid is geen probleem. OK, maar toch kan hoogbegaafd zijn een aantal knap vervelende “bijwerkingen” hebben. Nogal wat hoogbegaafde kinderen hebben last van overgevoeligheid. Dat kan gaan van overgevoelig zijn aan bepaalde textielen waardoor heel het lijf gaat kriebelen, aan de labeltjes die in de kleren zitten en die zo ontzetten prikken, aan een plooitje in een kous dat meteen een onoverkomelijk probleem wordt, aan bepaalde geluiden waar het kind kregelig van wordt, aan het volume van het geluid dat een kind doet wegrennen, aan bepaalde geuren waar het kind overdreven misselijk van wordt, aan bepaalde smaken, en zelfs overgevoeligheid voor bepaalde kleuren is bekend. Wat dacht je bijvoorbeeld van het kind dat best wel groenten lust, maar geen groene groenten? Ga er maar aan staan, als ouder. Daar gaat je hoop op een gevarieerd groentenaanbod voor je – ahum - spruit!


Je kan er al eens mee lachen natuurlijk. Soms is het ook wel grappig om zo een kind bezig te zien. En soms is het een lijdensweg. Elke dag opnieuw diezelfde scènes bij het aankleden van je kinderen, omdat elk paar sokken dat je probeert, alleen maar leidt tot nog meer gemopper en gezeur. En om die reden ben je elke dag bijna te laat op school. “Het ligt aan de ouders,” hoor je dan al wel eens zeggen, “Ze moeten maar wat kordater zijn.” Of ook: “Het kind is rotverwend. Kousen zijn kousen en daarmee basta.”


Was het maar zo simpel natuurlijk. Overgevoeligheid voor bepaalde dingen zit in die kinderen, ze spelen dat niet. Net zomin als een hooikoortslijder zijn allergie speelt.






Gaat dit over?


Net zoals bij het zich vaak gekwetst voelen, is die overgevoeligheid vaak een fenomeen van voorbijgaande aard. Maar eer het zover is, kunnen er heel wat jaren voorbijgaan en het is niet wenselijk dat een kind al die jaren alleen staat met zijn overgevoeligheid, zonder dat iemand er rekening mee houdt. Je hoeft geen psycholoog te zijn om in te zien dat het probleem dan uiteindelijk een eigen leven gaat leiden.


Maar als je een kind hebt dat overgevoelig op iets reageert, wat doe je er dan aan? Geduld en begrip zijn ook hier weer de twee sleutelwoorden. Probeer begrip op te brengen voor het probleem en ga er geduldig mee om. Leg jezelf anderzijds ook geen geselstraf op als je toch eens boos wordt of het even niet meer ziet zitten, dat is allicht normaal.


Voor sommige problemen bestaan simpele oplossingen. Krijgt je kind de kriebels van het etiketje in zijn t-shirt? Knip het er dan gewoon uit. En zorg ervoor dat je kind je het eruit heeft zíen knippen. In vele gevallen wordt de t-shirt vanaf nu zonder mopperen gedragen. Maak er geen gewoonte van de etiketten bij elke nieuwe t-shirt op voorhand weg te knippen. Laat ze er gewoon in, knip ze er enkel uit als je kind er lastig van wordt, en na een tijd hoef je waarschijnlijk nooit meer te knippen. Een beetje geduld, een beetje begrip, en het probleem verdwijnt wel…


…soms…


…vaak…


…maar lang niet altijd. Sommige mensen blijven heel hun leven lang hypersensitief. Een deel hiervan heeft er blijvend last van en slaagt er niet in om die eigenschap een plaats te geven in hun leven. Een ander deel zal er in slagen die eigenschap tot iets moois te ontwikkelen. Hierrond werd onderzoek gedaan door onder meer dr. Dabrowski en dr. Piechowski. De Vrije Universiteit Brussel onderzoekt de toepasbaarheid van dit onderzoek in België. Een medewerkster van de VUB schreef hierover voor ons een tekst. We hebben hem een eigen plaatsje gegeven.






Het hoeft geen drama te zijn


En terwijl de grote mensen zich zorgen maken, halen de kinderen er de positieve dingen uit. Geniet mee van de prachtige definitie die een zesjarig meisje aan haar eigen hypersensitiviteit gaf. De moeder vertelt:


Mijn dochter (6 jaar, 1ste lj) heeft net vanochtend zelf ontdekt dat ze HSP (high sensitive person) is. Ik had het haar nooit gezegd omdat ik haar aandacht er niet op wilde trekken - schrik om het nog erger te maken ('t is nu al lastig mooie kleren vinden zonder naden).


Opeens zei ze daarstraks in de auto: "mama, ik denk dat ik "voelbaar" ben".


Ik: "wat bedoel je?"


Zij: "Wel andere kinderen kunnen kriebelkousen en spannende schoenen en kriebelkleren aandoen, maar ik niet want ik voel dat allemaal. En gisteren (circusles) kon ik veel beter op de balk lopen want ik voelde gewoon alles goed. En in Technopolis kan ik heel goed met die spiegelbril op de lijn stappen, weet je waarom? Ik kijk niet, maar ik voel! En als er lawaai is hoor ik dat ook allemaal in de klas en de andere kinderen horen dat niet, maar ik wel en dan kan ik niet meer werken."




Voila: het juiste woord is dus niet HSP maar "voelbaar".


Artikel met dank aan http://www.hoogbegaafdvlaanderen.be/07_Probleemkind/5_hypergevoeligheid.html

dinsdag 1 juni 2010

Leven als zondagskind.


http://static.bol.com/imgbase0/imagebase/regular/FC/8/3/6/1/1001004005981638.jpg

Vandaag even een boekbesprekeing.  Ik ben Hooggevoelig van Yolanda Onderwater.

Kinderen die hooggevoelig zijn voelen zich vaak een beetje anders. Zij hebben bijzondere ervaringen die ze moeilijk kunnen delen. Dit is een boek waarin zij zichzelf kunnen herkennen.

Therapeute Yolanda Onderwater begeleidt in haar praktijk kinderen die als hooggevoelig uit de test kwamen. Dit boek is speciaal geschreven om deze groep kinderen (jong en oud) en hun familieleden te helpen. Hooggevoeligheid is niet abnormaal maar juist heel zuiver en puur.

De auteur beschrijft hoe je hooggevoeligheid herkent, hoe het voelt om hooggevoelig te zijn, en hoe je ermee omgaat als een bijzondere gave.
Het is namelijk ook een eigenschap met voordelen. Hooggevoelige kinderen kunnen extra goed observeren en zijn heel creatief. Ze weten wat er in andere mensen omgaat. Het zijn de toekomstige leraren, leiders, kunstenaars en genezers.

NBD|Biblion recensie
Deze uitgave, samengesteld door een kindertherapeute, richt zich tot jonge mensen die voelen dat ze net een beetje anders zijn dan hun leeftijdgenoten en bijzondere ervaringen kennen. Voor hen wordt de term 'hooggevoelig' gebruikt. Ook richt de schrijfster zich tot ouders en andere volwassenen, die met hen te maken hebben, hun 'anders-zijn' willen begrijpen en er creatief mee om willen gaan. Deel 1 zoekt een antwoord op de vraag hoe hooggevoeligheid kan worden ervaren. Deel 2 tracht een summiere verklaring te geven hoe kan het dat zaken betreffende andere mensen aangevoeld kunnen worden, gevolgd door zestien concentratie- en bewegingsoefeningen die ontspanning beogen. Waarna deel 3 een toelichting geeft op bijzondere ervaringen. Het geheel, met uitzondering van de oefeningen, is geschreven in de vorm van een egodocument, voortkomend uit de eigen jeugdervaringen van de schrijfster: 'Als eerste leerde ik...'; 'Paardrijden is mijn hobby...'. Door deze vormkeuze komt de objectieve, informatieve rol van een volwassene tegenover jonge mensen in het gedrang. Hetgeen een bevestiging vindt in het gebruik van bepaalde, niet nader toegelichte woorden zoals 'kwaliteit' en 'mijn energie'. Cartoonachtige tekeningen in zwart-wit van een muis verluchtigen de teksten. Vanaf ca. 11 jaar.

(NBD|Biblion recensie, Ton Smits)