maandag 27 december 2010

Definitie hooggevoeligheid



De bevindingen van dr.W. Klages

In 1976 schreef de Duitse psychiater Wolffgang Klages voor het eerst uitgebreid over dit verschijnsel. Hij benaderde het begrip vanuit de psychiatrie. 

Als voorbeelden van hooggevoelige mensen uit de geschiedenis noemt hij: Marilyn Monroe en Vincent van Gogh.
Hij vergeleek de kenmerken van de hooggevoelige mens met neurotische mensen volgens DSMIII: neurose. Hij kwam tot de conclusie dat de ‘ziekte-variant’ neurose is en de variant grenzend aan enerzijds gezondheid en anderzijds ziekte: hooggevoeligheid genoemd kan worden. 

Hij geeft in zijn uitgave van 1991 een indrukwekkende en uitgebreide beschrijving van zulke fijngevoelige zintuiglijke waarnemingen en ordent deze op systematische wijze. 



De bevindingen van Dr. S. Pfeifer (2002)
 
Wat is hooggevoeligheid? Pfeifer benadrukt dat het gaat om een specifieke aanleg en niet om een ziekte. Het is echter een aanleg die het leven sterk beïnvloedt en gemakkelijk tot een ziekte kan worden. Sensitieve mensen nemen hun omgeving veel intensiever waar dan anderen. Daardoor kan bijvoorbeeld het horen van muziek voor hen een overweldigende ervaring worden.
Ze voelen dingen die anderen nog niet waarnemen, wat zich zelfs kan manifesteren als een paranormale begaafdheid. Op gewone dagelijkse ervaringen reageren ze echter ook veel heftiger, waarbij de reacties kunnen variëren van lichamelijke ongemakken tot emotionele ontregeling en angst. Het gewone leven kost hun daardoor heel veel energie. Hun neiging tot heftige reacties kan er vervolgens voor zorgen dat zich allerlei, voornamelijk psychiatrische ziektebeelden ontwikkelen.
 
Hij stelt dat bij sensitiviteit sprake is van een overgevoeligheid van dat deel van het zenuwstelsel dat verantwoordelijk is voor het goed functioneren van de interne organen, wat gemakkelijk tot lichamelijke klachten aanleiding kan geven. Daarnaast is bij hooggevoelige mensen sprake van een psychische kwetsbaarheid, waarbij Pfeifer overeenkomsten ziet met het neuroseconcept uit de psychoanalytische theorie van Sigmund Freud.
 
Bij neurosen is er sprake van een innerlijk conflict tussen onbewuste wensen en strevingen met onbewuste normen en waarden. Hoewel een dergelijk innerlijk conflict daarmee ook onbewust blijft, leidt het wel tot allerlei psychische of lichamelijke klachten. Pfeiffer legt de nadruk op de sterke wisselwerking tussen lichamelijke en psychische symptomen, waarbij hooggevoelige mensen de pech hebben dat zowel lichaam als geest op scherp staan afgesteld en in hun wederzijdse beïnvloeding een veelheid aan klachten kunnen veroorzaken.
 
De mening van psychiater Aad Hagendijk (2004) in een krantenartikel, samengevat:”Pfeifer concentreert zich op deze psychiatrische gevolgen van hooggevoeligheid. Daarbij doet hij wel een poging om de grenzen tussen sensitiviteit als gave en de overgang naar psychiatrische ziekten te markeren, maar in het geheel van zijn betoog blijft het verschil toch vaak onduidelijk. Pfeifer is tweeslachtig met betrekking tot de gedachte van Freud dat de oorzaak van een neurose is gelegen in vroegkinderlijke ervaringen. Enerzijds neemt hij afstand van trends in psychotherapie waarin ouders de schuld krijgen van het verdriet van hun inmiddels volwassen kinderen, tegelijkertijd benadrukt hij dat bij sensitieve kinderen allerlei gewone ervaringen zo’n grote impact hebben, dat ze bepalend kunnen worden voor de verdere vorming van de persoonlijkheid en de herinneringen die iemand later aan zijn jeugd heeft bewaard. Daarbij verbindt hij dus net als Freud problemen in het heden met ervaringen uit
het verleden. Maar anders dan Freud benadrukt hij dat de gemoedstoestand in het heden bepalend is voor de kleur van de bril waarmee we naar het verleden kijken.”

Dat betekent een waardevolle poging om ook in een therapeutische situatie recht te doen aan de roeping en de verantwoordelijkheid van de mens en daar vindt dan volgens Pfeifer de overgang van sensitiviteit naar ziekte plaats.( Pfeifer 2002).



De bevindingen van Elaine N.Aron
 
Amerikaans psychologe Elaine N. Aron was de eerste die in 1996 in de VS over hooggevoeligheid publiceerde. In Nederland werd het begrip pas in 2002 bekend, door de vertaling van haar boek: The highly sensitive child. 

Aron sluit aan bij Klages theorie, die weer ingegeven werd door Jung (Aron 2004a):
“Jung suggested that innate sensitiveness predisposes some individuals to be particularly affected by negative childhood experiences, so that later, when under pressure to adapt to some challenge, they retreat into infantile fantasies based on those experiences and become neurotic. Recent research by the author and others is reviewed to support Jung’s theory of sensitiveness as a distinctly thorough conscious and unconscious reflection on experiences. Indeed, this probably innate tendency is found in about twenty percent of humans, and, in a sense, in most species, in that about this percentage will evidence a strategy of thoroughly processing information before taking action, while the majority depend on efficient, rapid motor activity.”

In 1997 publiceerden Elaine en Arthur Aron in het vooraanstaande wetenschappelijke tijdschrift Journal of Personality and Social Psychology hun bevindingen over sensoryprocessing sensitivity, een term die bij het Nederlandse publiek bekend is geworden onder de term hoogsensitiviteit of hooggevoeligheid. 

In de opvatting van Aron en Aron verwijst sensory-processing sensitivity naar een fundamentele eigenschap van het zenuwstelsel bij een relatief grote minderheid van mensen en dieren (ca. 20%).Deze eigenschap maakt dat zij zintuiglijke indrukken intenser ervaren dan mensen die een minder sensitief zenuwstelsel hebben.

(Aron en Aron 1997): “Over a series of 7 studies that used diverse samples and measures, this research identified a unidimensional core variable of high sensory-processing sensitivity and demonstrated its partial independence from social introversion and emotionality, variables with which it had been confused or subsumed in most previous theorizing by personality researchers. Additional findings were that there appear to be 2 distinct clusters of highly sensitive individuals (a smaller group with an unhappy childhood and related variables, and a larger group similar to nonhighly sensitive individuals except for their sensitivity) and that sensitivity moderates, at least for men, the relation of parental environment to reporting having had an unhappy childhood. This research also demonstrated adequate reliability and content, convergent, and discriminant validity for a 27-item Highly Sensitive Person Scale.”

Aron (2000) legt in haar boek uit hoe hoogsensitiviteit zich verhoudt tot de lijst van 9 eigenschappen die ontwikkeld is op basis van het werk van Alexander Thomas en Stella Chess. 
Opvallend hierbij is dat zij zeggen: een lage zintuiglijke drempel is hetzelfde als hoogsensitiviteit. Aron geeft aan dat de hoge intensiteit niet het gevolg is van uitzonderlijk goede zintuigen,maar het gevolg is van ‘diepere’ informatieverwerking. 
Om het wat concreter te maken: hoogsensitiviteit is de geneigdheid om zintuiglijke indrukken van diverse aard, als van geluid, licht, cafeïne, honger, pijn, kunst en de stemming van anderen zeer intens te verwerken. Een van de mogelijk negatieve gevolgen van deze intense verwerking is het gevoel overspoeld te worden door indrukken.
 
Hooggevoeligheid is volgens Aron(2007) in het verleden onterecht gelijkgesteld met emotionaliteit of neuroticisme. Hoewel er een positieve correlatie is tussen hooggevoeligheid en emotionaliteit hebben Aron en Aron (1997) in zeven empirische studies aangetoond dat hooggevoeligheid slechts gedeeltelijk samenhangt met emotionaliteit en introversie. Er blijken ook extraverte hooggevoeligen te zijn. 

Hoogsensitieve respondenten die aangaven een ongelukkige of traumatische jeugd te hebben gehad bleken relatief hoge scores op introversie en emotionaliteit te hebben. Hoogsensitieve respondenten met een gelukkige jeugd waren vergelijkbaar met respondenten die aangaven niet hoogsensitief te zijn (Aron, 2000).

Tegelijk met haar wetenschappelijke publicaties heeft Elaine Aron, die ook psychotherapeute is, haar bevindingen over en ervaringen met hooggevoeligheid en adviezen hoe met de mogelijk negatieve effecten om te gaan verwoordt in een zelfhulpboek. Elaine Aron richt zich in haar verklaring van hooggevoeligheid vooral op emotionele oorzaken en gevolgen, en legt nogal wat nadruk op overprikkeling. Daardoor ontstaat de indruk dat problemen rondom hoogsensitiviteit vooral te maken hebben met 'te open staan' voor indrukken en daardoor snel overprikkeld raken. 

Maar hooggevoeligheid is meer dan dat: Kenmerken van
hooggevoelige kinderen op basis van Aron’s onderzoek: Hoogsensitieve kinderen in het
basisonderwijs, (2006):

Bij hoogsensitieve kinderen herkennen we kenmerken uit alle vier categorieën. De kenmerken
staan in relatie tot elkaar en hebben dus vooral betekenis in hun onderlinge samenhang.
 
Kenmerken op lichamelijk gebied:
  • veel zien, kleine veranderingen waarnemen.
  • graag 'langs de kant' staan om te observeren.
  • scherp horen, bijvoorbeeld geluiden snel 'hard' noemen.
  • geïrriteerd zijn door kleine ongemakken, zoals labeltjes in kleding.
  • intens reageren op lichamelijke pijn.
  • Lchamelijk: het fysieke lichaam, inclusief de zintuigen
  • Emotioneel: gevoelens, omgang met anderen
  • Mentaal: denken, leren, informatieverwerking
  • Spiritueel: besef van een zingevende context, eventueel vallend buiten de grenzen
  • van het Hooggevoeligheid bij kinderen op de basisschool Elly Bos-Vlugt juni 2008
  • 10
  • subtiele geur- en smaakverschillen onderscheiden.
  • gevoelige ogen, bijvoorbeeld licht snel 'fel' noemen.
Kenmerken op emotioneel gebied:
  • aanvoelen van stemmingen en emoties.
  • zich snel zorgen maken.
  • toetrekken naar kinderen die enigszins buiten 'de groep' vallen.
  • behoefte hebben aan een rustige omgeving met niet te veel mensen.
  • moeite hebben met veranderende omstandigheden.
  • de kwetsbaarheid van anderen zien en begrijpen.
  • tijd nodig hebben om aan een nieuwe situatie of omgeving te wennen .
  • groot inlevingsvermogen in de gevoelens van anderen.
  • niet van verrassingen houden.
  • op jonge leeftijd al in staat zijn tot zelfreflectie.
  • niet in het middelpunt van de belangstelling willen staan.
Kenmerken op mentaal gebied:
  • een goed geheugen hebben.
  • voor de leeftijd over een grote woordenschat beschikken.
  • snel van de ene gedachte naar de andere associëren .
  • diepzinnige vragen stellen.
  • eindeloos willen weten 'waarom'.
  • resultaten van rekenen blijven achter bij de rest van de vakken.
  • een goed gevoel voor vreemde talen hebben, maar die graag in de praktijk leren via
  • conversatie (liever dan uit een boekje).
  • kennis op school niet letterlijk willen/kunnen reproduceren, maar liever creatief
  • toepassen .
  • moeite hebben met structureren en organiseren.
  • een hekel hebben aan oefenen en herhalen.
  • dichtklappen of zenuwachtig worden bij feitelijke, gesloten vragen.
  • liever belevend lezen dan begrijpend lezen.
Kenmerken op spiritueel gebied:
  • eigen wijsheid, heel gericht de eigen weg volgen.
  • vol levenslust, heel blij en enthousiast kunnen zijn.
  • zeer hechten aan de waarheid.
  • gericht zijn op liefde en vrede.
  • diep nadenken over levensvragen.
  • sterke binding hebben met de natuur (planten, dieren).
  • blijk geven van respect voor het leven en voor andere mensen.
  • wat tegenover elkaar staat tot harmonie (willen) brengen ('mediator').
  • Sommige kinderen geven blijk van paranormaal-spirituele kenmerken. Deze kenmerken
  • zijn niet karakteristiek voor alle hoogsensitieve kinderen, maar kunnen bij enkele van
  • hen wel overduidelijk aanwezig zijn:
  • geesten of entiteiten ervaren.
  • communiceren met elfjes, kabouters enz.
  • telepathische vermogens bezitten.
  • gebeurtenissen voorzien.
  • licht en kleuren (aura's) waarnemen.
  • herinneringen aan vorige levens hebben.

Al onze karaktereigenschappen zijn aangeboren en dus zeer wezenlijke aspecten van ons gedrag. Ze zijn genetisch bepaald en over het algemeen vanaf onze geboorte aanwezig. Denk hierbij aan hogere dierenrassen, waarbij o.a. gefokt wordt op gedragskenmerken. Het blijkt dat we bij bijna alle diersoorten twee persoonlijkheden aantreffen. Een aanzienlijke minderheid is sensitiever, zich bewust van subtiele verschillen, terwijl de overgrote meerderheid onverstoorbaar doorgaat zonder veel aandacht te besteden aan de situatie of omgeving.
 
Waarom zou dit verschil er zijn?
Stel je voor: twee herten voor aan de rand van een weide met mals gras. Het ene hert neemt ruim de tijd om alle signalen van de omgeving in zich op te nemen, zijn er geen roofdieren in de buurt ed., voordat hij van het gras gaat eten. Het andere hert blijft maar heel even staan voor hij naar het gras rent, om te eten. Heeft hert één gelijk, dan wordt hert twee opgegeten. Heeft hert twee gelijk dan zal hij pas later kunnen eten en al snel de zwakkere in de groep zijn. De aanwezigheid van 2 strategieën in een kudde vergroot dus de kans dat de kudde overleeft, wat er die dag ook op de weide gebeurt.
 
Mensen met een zeer actief ‘gedragsremmend systeem’ zijn hooggevoelig, blijkt uit wetenschappelijke verklaringsmodellen (Aron 2000). Hun rechterhersenhelft van het denkende deel van de hersenen ( de frontale cortex) is extra krachtig en actief. Voor hoogsensitieve personen is de drang tot stoppen en-checken waarschijnlijk sterker, doordat ze in een situatie zo veel informatie te verwerken krijgen.
 
Hier wordt duidelijk waarom deze kinderen in de klas om een eigen benaderingsmethode kunnen vragen. De meeste kinderen willen nl. meteen in actie komen, de HSK ‘s (de term die gebruikt wordt voor Hoog Sensitieve Kinderen) hebben vaak wat meer tijd nodig. Zij wegen eerst vele mogelijkheden tegen elkaar af, voor zij met het werk kunnen starten.

Tekst met dank aan: Hooggevoeligheid bij kinderen op de basisschool Elly Bos-Vlugt juni 2008

dinsdag 30 november 2010

Tips voor meer energie en innerlijke rust



Enkele tips van de hooggevoelig.com website
Wat als u als hooggevoelig persoon weer goed in uw vel zit? Dan is de kans groot dat u van nature plichtsgetrouw, loyaal, fel op kwaliteit, goed in details, intuïtief, visionair, begaafd en attent bent. Bovendien heeft u dan ook een goede invloed op het sociale klimaat in uw (werk)omgeving. En u voelt zich daar plezierig bij. Zet nu de eerste stap om dat te bereiken. Wat gaat u doen?

Tips voor meer energie en innerlijke rust

  • Accepteer uw situatie om goed om te gaan met uw energie en onnodig energieverlies te vermijden
  • Ken en respecteer uw grenzen en maak uw grenzen liefdevol heel duidelijk aan anderen
  • Leef niet alleen in uw hoofd; voel regelmatig op de dag ook even de rest van uw lichaam
  • Zorg voor een goede voeding en voldoende vitaminen, mineralen, water
  • Doe de juiste mate van beweging op de voor u juiste hartslag en de juiste ademhaling en kom regelmatig buiten. (Veel mensen met vermoeidheidsklachten hebben ook last van lichte of zwaardere hyperventilatie, hetgeen verzuring van de spieren en vermoeidheid veroorzaakt.)
  • Let op een goede afwisseling van rust en activiteiten
  • Kies voor goede activiteiten en gedachten en stel de vraag: "Geven ze me energie of kosten ze me energie, nu en op de langere termijn?"
  • Blijf rustig bij energieschommelingen, doe bij pieken toch vrij kalm aan (om energie te laden voor het herstel van het lichaam en energiereserves op te bouwen voor mindere dagen), en accepteer bij dalen dat het energiesysteem wil opladen en blijf dan toch enigszins actief. Ook kunt u in het laatste geval visualiseren hoe u wilt dat uw leven er over twee jaar uitziet.
  • Let op uw dag- en nachtritme
  • Beperk energieverlies door juist om te gaan met gevoelens, gedachten en emoties en gebruik te maken van visualisaties
  • Blijf lachen, of u het meent of niet, het verhoogt uw weerstand en is nog gratis ook
  • Leer EFT en/of TAT en werk aan alles waar u hinder van ondervindt, zie heling praktisch en doelgericht.

woensdag 24 november 2010

Met hangende pootjes



Gisteren is mijn dochter weer voor de eerste keer naar school gegaan, na een maandje thuis zitten.

Ze keek er enorm naar uit en voor het eerst in jaren hoefde ik haar 's ochtends niet aan te sporen. Tien minuten voor de bus kwam stond ze al te trippelen in de gang, muts op en handschoenen aan.

Een heel wat minder enthousiast kind kwam 's avonds de woonkamer binnen.  Hoe 't was op school?  Ging wel.  Of ik het een beetje naar mijn zin had?  Ik heb op één van de kleintjes gepast.

Precies die antwoorden waar mijn voelsprieten van overeind komen.  Geen leuke dag op school dus, of in elk geval, niet wat zij er had van verwacht.  Je merkt aan heel haar fysieke uitdrukking dat ze teleurgesteld is.

En nu moet ik wachten.  Wachten tot mijn hooggevoelig Aagje haar emoties met mij wil delen.  Wachten tot zij er klaar voor is.  Wachten tot ze het veilig genoeg vindt.  Tot de vlinder op haar eigen tempo uit zijn coconnetje breekt.  Het enige wat ik kan doen is observeren en haar de tijd en ruimte geven.

Vanochtend werd ze wakker met keelpijn en een 'ik voel me niet zo lekker mama' gevoel.  Het feit dat het maar een half dagje is hielp niet zo veel.  Dus vertrok ze, met hangende pootjes.  Om 2 minuten later weer aan de deur te staan: bus gemist.  Wat nu mama?

Dus heb ik haar maar langs een andere route naar school gestuurd.  Met de tram.  En toen ze de deur uitstrompelde maar getoond dat ik haar tranen niet zag.

Ik deel met je een wondermooi gedicht van Cornel van Noppen van haar website http://www.bas-info.org/nieuwetijdskinderen/

kwetsbaar
 
je bent zo kwetsbaar
zoals je in het leven staat

zo snel verdrietig
over wat men doet en zegt

woorden raken soms zo diep
maar de buitenwereld beseft dat niet

woorden als scherpe messen
snijdend in je ziel

je hebt nog geen antwoord
kent nog geen vlucht

's nachts
als je in bed ligt

kun je niet loskomen
van je gevoel

je voelt je eenzaam
hoort er vaak niet bij

doet altijd alles anders
dan zij

maar op een dag
zal het anders zijn 

als je groot genoeg bent
en sterk

dan durf je te zijn
wie je bent

donderdag 18 november 2010

Trop is Trop



Gisteren zijn we bij Ikea gaan lunchen.  Of beter gezegd, we hebben een dappere poging ondernomen on het langer dan een half uur vol te houden in het restaurant van Ikea.  En zijn daar dus niet in geslaagd.
Geen goed idee om daar op woensdag middag af te spreken!  Maar mijn dochter was uitgenodigd op school voor een gesprek en mijn moeder wil nieuwe zetels.  Dus dachten we het aangename aan het nuttige te koppelen.
Om 10 uur viel het nog wel mee.  We namen ruimschoots de tijd om alle zetels uit te proberen.  Mijn moeder's gevoeligheid uit zich vooral op het fysieke vlak.  't Is dus niet zo eenvoudig om de juiste zetel te vinden!
Al bij al was de voormiddag een succes en het was dan ook met een tevreden gevoel dat we aanschoven langs het self-service buffet.  Achteraan een rustig plekje gevonden.  Maar al snel bleek dat er meer mensen zo over dachten.  Binnen het half uur zat het restaurant vol met schreeuwende kinderen en verdween de conversatie die we hadden in een achtergrond van schrapend bestek en kletterende borden.  Opgediend met een heerlijk sausje van wat Ikea wellicht 'stemmingsmuziek' noemt.
Ook al uit het hooggevoelig zijn zich op totaal andere manieren bij mijn moeder, mijn dochter en mezelf, toch hebben we één gemeenschappelijke trigger die on zo de kast op jaagt: drukte!
Dus hebben we ons eten binnengeschrokt en stonden we een half uur later weer in de koele buitenlucht op de parking.  Oef!

Vandaag wil ik een hele mooie tekst van Pearl Buck met je delen 

"The truly creative mind in any field is no more than this:
A human creature born abnormally, inhumanly sensitive.
To him...
a touch is a blow,
a sound is a noise,
a misfortune is a tragedy,
a joy is an ecstasy,
a friend is a lover,
a lover is a god,
and failure is death.
Add to this cruelly delicate organism the overpowering necessity to create, create, create
...so that without the creating of music or poetry or books or buildings or something of meaning,
his very breath is cut off from him.
He must create, must pour out creation.
By some strange, unknown, inward urgency he is not really alive unless he is creating."
-Pearl Buck-  



woensdag 10 november 2010

Hebben alle hooggevoelige kinderen dan problemen?



Ik wil als antwoord op deze vraag graag een tekst met je delen die geschreven werd door Ellemieke Puma in haar eindwerk: In hoeverre is hooggevoeligheid een adequaat concept voor orthopedagogische diagnostiek?

Marletta-Hart (2003) benadrukt dat hooggevoeligheid geen afwijking of ziekte is, het is een karaktereigenschap. Toch hebben nog veel hooggevoelige mensen moeite om met hun eigenschap om te gaan zolang ze er onvoldoende rekening mee houden (Marletta-Hart, 2003).
Zonder goede strategieën hebben hooggevoeligen meer moeite zich staande te houden in prikkelvolle situaties. Omdat ze meer subtiele storingen waarnemen raken ze sneller uit balans.
Soms raken hooggevoeligen, zowel volwassenen als kinderen, zodanig uit balans dat ze fysieke, geestelijke of emotionele stress ervaren. Dit kan kleine en grote gevolgen hebben (Marletta- Hart, 2003).

Zowel Aron (2004a) als Marletta-Hart (2003) onderscheiden twee soorten overprikkeling.
Wanneer iemand kortstondig overprikkeld is, heeft diegene een situatie onderschat. Hij/zij is te lang met een voor hem/haar ongezonde activiteit doorgegaan en heeft de signalen die het lichaam gaf niet of te laat opgemerkt. Dit zijn vaak situaties waarin gepresteerd moet worden, die onverwacht en onaangekondigd zijn, die te maken hebben met onbekende personen of groepen, die plaatsvinden in een onrustige en herrieachtige omgeving en/of die emotioneel belastend zijn. Belangrijk hierbij is dat veelvuldige kortstondige overprikkelingssituaties samen een cumulatief proces kunnen vormen. Want meer en verschillende stimuli bij elkaar opgeteld leiden tot een overactiviteit van het zintuigstelsel en kunnen hiermee langdurige stress uitlokken (Aron, 2004a; Marletta-Hart, 2003). 

Niet één persoon is natuurlijk hetzelfde. Bij ieder mens ligt de grens van té veel ergens anders. Ook de symptomen van overprikkeling uiten zich bij iedereen een beetje anders. Meestal is er sprake van één of meer van de volgende symptomen:
  • onrust
  • hartkloppingen
  • rood worden
  • emotionele zwenkingen
  • geheugen- en
    concentratieverlies
  • vermoeidheid
  • slapeloosheid
  • piekeren
  • bibberen
  • het gevoel een knoop in je maag te hebben
  • stijve spieren
  • zweten
  • niet opmerken of herkennen van hongerimpulsen en andere lichamelijke signalen
  • snauwerig en agressief gedrag
  • terugtrekking uit sociale situaties
    verlegenheid en/of angst (Marletta-Hart, 2003). 

Kortstondige overprikkeling is zeer hinderlijk en kan wanneer het over een langere periode optreedt een cumulatief probleem worden (Marletta-Hart, 2003). 

Langdurige overprikkeling komt volgens Aron (2004a) en Marletta-Hart (2003) anders tot stand en heeft meer ingrijpende gevolgen. Langdurige overprikkeling vindt plaats wanneer meer overprikkelingsfactoren over langere tijd aanhouden. Er is dan sprake van een cumulatief proces en er vindt een fysisch-chemische aanpassing plaats in het lichaam in de vorm van een hormonale wijziging. 

Als iemand langdurig overprikkeld is, verandert zijn handelen diepgaand en soms hiermee ook de persoonlijkheid (Aron, 2004a; Marletta-Hart, 2003). Iedereen, hooggevoelig of niet, ontwikkelt beschermings-mechanismen. Hij/zij onderdrukt bijvoorbeeld emoties, probeert met extreem gedrag op te vallen, ontwikkelt verslavingen, trekt zich terug uit het sociale leven, ontwikkelt angstneuroses etc. 

Deze mogelijke vervormingen doen iemand op de lange duur niet goed (Marletta-Hart, 2003).
Volgens Aron (2004a) blijkt in de praktijk dat langdurige overprikkeling in een groot aantal gevallen al plaatsvond in de eerste levensjaren van een hooggevoelig persoon. Het zijn bijvoorbeeld kinderen die opgroeien in instabiele gezinnen. Wanneer de eerste omgeving voor een kind niet veilig en liefdevol was, heeft dat voor een hooggevoelig kind meer nog dan voor een minder gevoelig kind ingrijpende gevolgen (Aron, 2004a). 

Voorbeelden van instabiliteit die tot langdurige overprikkeling leiden zijn: 
  • hooggevoeligen die als kind ongewenst waren
  • die gedwongen werden dingen te doen die ze vreesden
  • die seksueel, lichamelijk of geestelijk mishandeld werden
  • die een ouder hadden met alcoholproblemen of met een lichamelijke of geestelijke ziekte
  • die te maken hebben gehad met grote ingrijpende veranderingen, zoals dood, verhuizing of scheiding, die taken toegewezen kregen die niet pasten bij hun leeftijd en ontwikkeling. 

Ook degenen die op andere wijze gekwetst zijn als kind, dragen daar hun leven lang de sporen van (Aron, 2004a). Ieder kind ervaart zijn opvoeding op unieke wijze (Aron, 2004a). Wel is het zo dat hooggevoeligen meer worden beïnvloed door de omstandigheden (Aron, 2004a; Marletta-Hart, 2003). 

Langdurige overprikkeling kan ook veroorzaakt worden in latere levensfases. Hierbij valt te denken aan oorlogservaringen of het hebben van langdurige ongezonde (familie)relaties (Marletta-Hart, 2003).
 
Een ander onderscheid dat in de literatuur naar voren komt is dat van lichamelijke of psychische problemen. Een veel gehoorde klacht onder hooggevoeligen is extreme vermoeidheid: langdurig en ongewoon moe zijn. Zo’n lichamelijke reactie is vaak het gevolg van verkeerde omgang met hooggevoeligheid. De omstandigheden hebben sommige hooggevoelige mensen onder een te grote interne of externe druk geplaatst. In sommige gevallen is de vermoeidheid dusdanig chronisch geworden dat men spreekt van een chronisch vermoeidheidssyndroom. 

Eén van de veel gehoorde psychische problemen waarmee hooggevoeligen verhoudingsgewijs vaak kampen zijn stemmingswisselingen. Veel hooggevoeligen noemen zichzelf emotioneel intens.
Zowel de positieve als negatieve emoties uiten zich in hoge pieken en diepe dalen.
Hooggevoelige kinderen die last hebben van sterke stemmingswisselingen kunnen moeite hebben om hun dagelijkse leven naar voldoening in te richten. Ze zijn bijvoorbeeld soms niet in staat om sociale verplichtingen na te komen of hebben problemen met school of studie (Aron, 2004a; Marletta-Hart, 2003; Van den Beuken, 2005).
 
Ook Muijsert-van Blitterswijk (2004) geeft aan dat we er niet omheen kunnen dat een toenemend aantal kinderen wel degelijk moeite heeft met zijn/haar hooggevoeligheid. Hiervoor zijn volgens haar twee redenen: of ze vinden het zelf moeilijk om met hun hooggevoeligheid om te gaan of ze worden hierin door omgevingsfactoren belemmerd. 
Het tweede heeft volgens Muijsert-van Blitterswijk vooral met het herkennen en erkennen van de intuïtieve kwaliteiten van deze kinderen te maken. 

Van den Beuken (2005) sluit aan bij Marletta-Hart en Muijsert-van Blitterswijk dat het wel of niet ervaren van problematiek m.b.t. hooggevoeligheid voor een groot deel wordt veroorzaakt door de reactie en omgang van de omgeving. Volgens Van den Beuken (2005) ontstaan de problemen niet door de hooggevoeligheid zelf, maar door het onderdrukken en onderwaarderen van de eigen aard van het kind. Marletta-Hart (2003) geeft ook aan dat vaak het probleem is dat kinderen met een hooggevoelig karakter tot nu toe onvoldoende begrepen werden. Ouders en leerkrachten zien slechts één aspect van het kind en noemen het aan de hand daarvan té intens, té verlegen of té veeleisend. Hooggevoeligheid hoeft volgens Marletta-Hart (2003) echter geen probleem te zijn als men beter weet hoe om te gaan met deze kinderen. Vaak worden op school en thuis andere eigenschappen gewaardeerd en gestimuleerd dan de eigenschappen van deze kinderen. Daardoor hebben zij het nogal eens moeilijk (Marletta-Hart, 2003). 

Naast hooggevoeligheid heeft ieder kind nog andere temperament-karakteristieken. Deze zijn net als hooggevoeligheid genetisch in aanleg aanwezig. Voorbeelden van andere karaktertrekken zijn bijvoorbeeld het energieniveau van het kind. Het ene kind springt voortdurend rond, het andere houdt er meer van om stil in een hoekje te gaan zitten kijken. Een andere eigenschap is zelfregulatie. Het ene kind is meer een doorzetter, een ander laat zich snel ontmoedigen. Ook zijn er verschillen in de mate waarin een kind zich goed kan concentreren. 

Wat vaststaat is dat alle hooggevoelige kinderen meer en grondiger opmerken en diepere en intensere belevingen hebben dan een gemiddeld kind.
Hierdoor lopen ze eerder het gevaar uitgeput te raken (Marletta-Hart, 2003).
 
Muijsert-van Blitterswijk (2004) geeft verder aan dat kinderen in onze hectische maatschappij vanzelf al met meer prikkels in aanraking komen en hierdoor steeds meer in de problemen raken. Overal zijn geluid-, geur- en lichtprikkels toegenomen. Wanneer een hooggevoelig persoon niet goed met zijn eigenschap omgaat, krijgt hij last omdat het zenuwstelsel voortdurend zwaar belast wordt (Van den Beuken, 2005). 

Soms komen kinderen ook door hun snelle inzichten in de problemen. Een inzicht is abstract en door jonge kinderen vaak nog niet in een eigen ervaringskader te plaatsen. Dit maakt ze emotioneel kwetsbaar. Een ruzie tussen ouders bijvoorbeeld, kan een intense indruk maken. Kinderen voelen de lading maar kunnen er nog niets mee (Muijsert-van Blitterswijk, 2004). 
Ook kan het volgens Muijsert-van Blitterswijk (2004) voor hen behoorlijk lastig zijn om hun eigen individualiteit te bepalen. Ze hebben opvoeders nodig die hen duidelijkheid, structuur en begrenzing bieden. Dit houdt onder meer in dat de kinderen duidelijk wordt gemaakt wie ze zelf zijn. Hierbij is het belangrijk om hen keuzes te leren maken, grenzen te stellen en grenzen van anderen te herkennen (Muijsert-van Blitterswijk, 2004).

dinsdag 9 november 2010

Moeder van een sensitieve jongere



't Is heerlijk om moeder te zijn  van een sensitieve puber!

  Of ik dat als grap bedoel?  Absoluut niet.  Want een hoog sensitieve dochter hebben betekent dat ik dagelijks een spiegel voorgehouden word.  Niet altijd even leuk, maar we leren er allebei heel veel uit.

  De minder aangename kant is dan weer dat hoogsensitiviteit nog steeds op een totale muur van onbegrip botst bij 'de grote massa' of zoals mijn dochter het ziet "de abnormalen".  Zij die geen flauw idee hebben wat het is en hoe het voelt om als hooggevoelige puber de wereld om je heen te ervaren.

  De voorbije weken waren voor mijn dochter heel moeilijk.  Zij is langzaam meer zeker tot het besef gekomen dat hoe zij de wereld ziet en ervaart niet is hoe iedereen de wereld ervaart.  Ze leert ook dat ieder mens een andere invulling geeft aan woorden.  Dat het dus super belangrijk is welke woorden je gebruikt als je iets wil overbrengen aan een niet-hooggevoelig persoon.

  Neem nu het woord slaan bv.  Het woordenboek zegt: 
           (iets of iemand) met je hand of ander voorwerp hard raken, of (iets of iemand) 
           daarmee in een bepaalde toestand brengen  
          `iemand in zijn gezicht slaan` 
          `je op je knieën slaan van het lachen` 
          `vuil van je jas slaan` 
          `een bal over het net slaan` 
          `bij een vechtpartij iemand tegen de grond slaan`


Dus iets of iemand hard raken.  Dus komt het neer op de ervaring 'hard'.  Hetgeen bij ons thuis betekent dat als jij langs loopt en iemand geeft je een speelse tik tegen je billen, je geslagen wordt.  Dus als je de volgende dag tegen vrienden vertelt dat je moeder je vaak slaat als ze langs loopt kan jij je voorstellen welke reacties dit geeft.

   Is de HSP'er dan een leugenaar?  Een overdrijver?  Allesbehalve.  In dit geval is de de hooggevoelige alleen maar eerlijk.

   Een eerlijkheid die vaak door de buitenwereld wordt afgestraft.

   Ben jij zelf hooggevoelig?  Heb je ervaring met hetgeen ik hierboven heb geschreven?  Dan heel graag je reactie!
 



maandag 8 november 2010

ADHD



Als mensen voor het eerst horen van de term 'hooggevoeligheid' schept het in eerste instantie vaak verwarring.  Een van de vragen die ik in de praktijk dan ook regelmatig krijg is wat nu eigenlijk het verschil is tussen hooggevoelig en ADHD want er zijn wel degelijk een aantal overlappingen.

Vandaag geef ik je de Diagnosecriteria voor ADHD door zoals samengesteld door dr. Hallowell en dr. Ratey

Dr. Edward M. Hallowell en Dr. John J. Ratey, twee Amerikaanse ADHD-deskundigen, hebben een lijst samengesteld met criteria die gebruikt kunnen worden om de diagnose ADHD te stellen. De onderstaande punten zijn gebaseerd op grootschalige klinische ervaringen, maar worden nog niet veel gebruikt door Nederlandse deskundigen.

Ten minste twaalf van de volgende criteria moeten een chronisch probleem vormen. 
 
1. Een gevoel van onderprestatie. omdat je je doelen niet bereikt. Dit punt staat bovenaan, omdat het de meest voorkomende reden is waarom volwassenen hulp zoeken. "Ik krijg het niet voor elkaar," is de meest gehoorde uitspraak. Een volwassene met ADHD kan objectief gezien al heel wat bereikt hebben, of doet zijn/haar leven al hulpeloze pogingen iets te bereiken. Hoe dan ook, in beide gevallen kampen de personen met het gevoel gevangen te zijn, niet in staat te zijn hun aangeboren capaciteiten ten volle te benutten. 

2. Problemen met het organiseren van je leven. Een belangrijk probleem voor de meeste ADHD-volwassenen. Zonder de structuur die school biedt, zonder ouders die dingen organiseren, wankelt hij/zij door de organisatie-eisen die het dagelijks leven stelt. De zogenaamde 'kleine dingen' stapelen zich op en worden hoge obstakels. Een gemiste afspraak, een verloren cheque en een vergeten deadline, en hun wereld stort in. 

3. Chronisch uitstellen, problemen om ergens mee te starten.Volwassenen met ADHD durven niet goed aan iets te beginnen, gevoed door hun angst dat ze het toch niet goed zouden doen, hierdoor stellen zij zaken uit en proberen dingen te negeren. Dit gedrag vergroot weer de angst aan de (alsmaar groeiende hoeveelheid) taken te beginnen. 

4. Veel projecten lopen gelijktijdig, problemen met voortzetten en afronden. Een gevolg van punt 3. Men stopt met iets en begint aan iets anders, maakt dit niet af en gaat weer iets anders doen.

5. Geneigd zijn te zeggen wat in het hoofd omgaat, zonder de noodzakelijke timing of gevolgen ervan in acht te nemen. Zoals een kind met ADHD in de klas, wordt de volwassen ADHD'er gedreven door enthousiasme en ongeremdheid. Een gedachte komt op en moet worden uitgesproken. Tactloosheid en bedrog vervangen in het ergste geval uiteindelijk de kinderlijke uitgelatenheid. 

6. Een voortdurende hang naar sterke prikkels (kicks) De volwassen ADHD'er is altijd op zoek naar nieuwe spanning en sensatie: iets in de omgeving dat de concurrentie kan aangaan met de wervelwind die in hem-/haarzelf woedt. 

7. Een aanleg om snel verveeld te zijn Een gevolg van punt 6. Verveling omringt de volwassen ADHD'er als een gootsteen, altijd klaar alle energie op te zuigen. De ADHD'er blijft achter met de honger naar meer stimulans. Dit kan gemakkelijk verkeerd worden uitgelegd als een gebrek aan interesse. In feite is het een relatief onvermogen interesse voor een langere tijd vast te houden. Zoveel als je ergens om geeft, zo snel loopt je batterij leeg. 

8. Snel afgeleid, concentratieproblemen, neiging af te haken of weg te dromen tijdens een conversatie, vaak gekoppeld aan een vermogen zich van tijd tot tijd te hyperfocussen. Dit zijn de voornaamste kenmerken van ADHD. Het moment van 'uitgeschakeld worden' is vrij willekeurig en onvrijwillig. Het gebeurt bij wijze van spreken wanneer de ADHD'er even niet kijkt. Het volgende wat je bemerkt, is dat je er niet meer bent. De ongelofelijke gave tot hyperfocussen komt ook veelvuldig voor. De ADHD'er gaat dan zo op in een activiteit dat je voor niets en niemand anders bereikbaar bent. Hallowell en Ratey (de samenstellers van deze lijst) pleiten dan ook voor een andere benaming van het syndroom: AIHD, Attention Inconsistency Hyperactivity Disorder. Er is namelijk geen sprake van een tekort aan aandacht, maar van een inconsequent richten van de aandacht. 
 
9. Vaak creatief, intuïtief en hoogbegaafd. Dit is geen symptoom, maar wel een belangrijk aandachtspunt. Volwassenen met ADHD hebben, doordat zij zoveel prikkels opvangen, meestal een creatieve, associatieve geest. Te midden van hun chaos en afleidbaarheid laten zij flitsen zien van briljante ideeën. Het veroveren van deze bijzondere gave is een belangrijk doel in de therapeutische behandeling van ADHD'ers. 

10. Problemen met geijkte routes en het volgen van vastgestelde procedures. In tegenstelling tot wat men vaak denkt, is dit niet het gevolg van onverwerkte problemen met autoriteiten. Het is eerder een uiting van verveling en frustratie: routine betekent het herhalen van handelingen. ADHD'ers ervaren dit als saai en zoeken naar uitdagender manieren. Zij raken gefrustreerd omdat zij niet in staat zijn dingen te doen op de wijze waarop zij verondersteld worden deze te doen. 

11. Ongeduldig: lage frustratiedrempel. Frustratie op allerlei gebied herinnert de ADHD'er aan alle mislukkingen in het verleden. "O nee," denk je "daar gaan we weer!" Woede of terugtrekken is het gevolg. Ongeduld heeft te maken met de behoefte aan stimulans. Anderen zullen dit snel zien als onvolwassen gedrag. 

12. Impulsiviteit. Bijvoorbeeld: impulsief geld besteden, plannen wijzigen, nieuwe schema's of carrièreplannen maken. Dit is een van de meer gevaarlijke van de symptomen bij ADHD-volwassenen, of, afhankelijk van de impuls, een van de meest avontuurlijke. 

13. Neiging zich nodeloos, eindeloos zorgen te maken. Wanneer de aandacht niet besteed wordt aan een specifieke taak, ontstaat een chaos aan gedachten in het hoofd van de ADHD'er. Gepieker is hier vaak een gevolg van, omdat de persoon onbewust toch behoefte heeft zich ergens op te concentreren. Het resultaat is dan een destructieve gedachtenstroom. 

14. Gevoel van dreigend onheil en onveiligheid afgewisseld met het nemen van grote risico's. Dit symptoom relateert enerzijds aan de neiging zich nodeloos zorgen te maken en anderzijds aan de aanleg voor impulsief gedrag. 

15. Stemmingswisselingen, depressie. Volwassenen (meer dan kinderen) met ADHD voelen zich overgeleverd aan een onstabiel humeur. Dit wordt zowel veroorzaakt door hun ervaringen met frustratie en/of falen als met de neurobiologische invloeden van het syndroom. 

16. Rusteloosheid. De volwassene met ADHD toont de hyperactiviteit van het ADHD-kind meestal niet. In plaats daarvan ziet men 'nerveuze energie': snel praten, trommelen met vingers, steeds verzitten, vaak opstaan van tafel en het verlaten van de ruimte, gespannen aderen in de hals en een snelle gespannen blik in de ogen. Zelfs in rust voelt de ADHD'er zich zenuwachtig, gespannen en overprikkeld. 

17. Neiging tot verslaving. Meer dan anderen hebben volwassen ADHD'ers de kans verslaafd te raken, hetzij aan een stof als nicotine, cocaïne, cafeïne of alcohol, hetzij aan een activiteit als gokken, winkelen, eten of werk. Dit heeft onder andere te maken met hun grote behoefte aan prikkels (die de ADHD'er paradoxaal genoeg kalmeren!), hun impulsiviteit en hun neiging tot hyperfocussen. Eetstoornissen komen vaak voor in depressieve periodes. 

18. Chronische problemen met gevoel van eigenwaarde. Deze zijn het directe en ongelukkige resultaat van jaren van conditionering: jaren van verteld worden dat men een kluns, een halve gare, een paniekzaaier, een druktemaker, een chaoot, een stumper, een eenling, getikt en anders is. Jaren van frustratie, falen of het niet-voor-elkaar-krijgen leiden tot een negatief zelfbeeld. Het is indrukwekkend te zien hoe veerkrachtig de meeste ADHD'ers nog zijn, ondanks al de tegenslagen. 

19. Onnauwkeurige zelfwaarneming. ADHD'ers hebben vaak een beperkte kijk op zichzelf. Zij hebben nauwelijks een idee van de invloed en uitwerking die zij hebben op andere mensen. Dit leidt vaak tot grote misverstanden en diep gekwetste gevoelens. 

20. Familiehistorie van ADHD, manisch-depressiviteit, depressies, drugs- en/of alcoholverslaving, dwanghandelingen of stemmingswisselingen. Sinds bekend is dat ADHD vaak genetisch wordt overgedragen en samenhangt met de andere bovengenoemde stoornissen, is het niet ongewoon dat deze problemen in de familie zijn terug te vinden.

zaterdag 30 oktober 2010

Het sprookje van de prinses op de erwt



Er  waren eens een prins die zo graag een prinses wilde hebben, maar het moest een echte prinses zijn. Toen reisde hij de hele wereld rond om er een te vinden, maar overal kwam er iets tussen. Prinsessen waren er genoeg, maar of het echte prinsessen waren, daar kon hij nooit helemaal achter komen, altijd was er iets dat niet helemaal in de haak was. 

Maar op een dag stond er een meisje aan de poort.  Lieve hemel, wat zag ze eruit door de regen en het noodweer! Het water liep uit haar kleren en haren, bij de punt van haar schoen liep het erin en bij de hiel er weer uit; zij zei dat ze een echte prinses was. Ja, daar zullen we wel achter komen! dacht de oude koningin, maar ze zei niets. Ze ging haar slaapkamer binnen, nam al het beddengoed weg en legde een erwt op de bodem van het bed, nam toen twintig matrassen, legde die boven op de erwt en toen nog twintig veren bedden boven op de matrassen. Daar moest de prinses nu 's nachts op liggen. 's Morgens vroegen ze hoe ze had geslapen. "O, verschrikkelijk slecht!" zei de prinses, "ik heb de hele nacht bijna geen oog dichtgedaan! De hemel weet wat er in mijn bed lag. Ik heb op iets hards gelegen en ik ben over mijn hele lichaam bont en blauw! Het is afschuwelijk!"  

Toen konden ze zien dat het een echte prinses was omdat ze door de twintig matrassen en de twintig veren bedden heen de erwt gevoeld had. Zo teer van huid kon alleen maar een heuse … hooggevoelige zijn. 

Want dat is zo typisch aan hooggevoelig zijn: kriebeletiketjes in je ondergoed die je gek maken van de jeuk, de tikkende wekker waardoor je onmogelijk in slaap valt, zand tussen je tenen en in je haar, de mp4 speler op het hoofd van een man aan de andere kant van de treinwagon, blèrende muziek in je favoriete klerenwinkel.  En hoe kan je in godsnaam een synthese schrijven als alles even belangrijk is?  Of een super goeie voordracht geven terwijl ze met drie inspecteurs naar je staren?  Je concentreren op je toets terwijl en een dikke bromvlieg rond je hoofd cirkelt?

En soms gaat het ook echt wel fout … als je bv omgeven bent door mensen die geen idee hebben wat het is om hooggevoelig te zijn.  De grote meerderheid dus.  Of zoals de hooggevoelige het ervaart: de domme, gevoelloze en harde meerderheid.  Je voelt je niet aanvaard en onbegrepen.  Want wie wordt er nu wakker van een erwt?  Een freak! 

Dus trekt de prinses zich terug in haar torenkamer en weeft een web van fantasie. Een wereld waar het veilig is te zijn wie je bent.  Of rent ze achter iedereen aan en doet haar uiterste best om te bewijzen hoe ‘normaal’ ze is.  Ze slooft zich uit, cijfert zich weg, doet haar best en op een dag …is ze niet langer de prinses, maar Assepoester.  En spat de pompoen uiteen in haar gezicht.
Ze crasht.  Is radeloos…
Ziet geen uitweg meer …
En net als bij Doornroosje komt voor haar de donkere nacht van de ziel … 

Maar op een dag komt er een de jonge prins in ’t land.  Door liefde en eerzucht gedreven, besluit hij om onmiddellijk te gaan kijken wat er aan de hand was. Hij gaat onverschrokken verder, want hij is zelf een HSP en weet hoe de vork aan de steel zit.

 Hij gaat over een grote, met marmer geplaveide binnenplaats, klimt de trap op en komt in de zaal van de schildwachten.  Hij gaat verder door allerlei kamers.  Dan komt hij in een kamer, die helemaal verguld is, en daar, op een bed, waarvan de gordijnen aan alle zijden open zijn, ziet hij het schoonste schouwspel, dat hij ooit gezien had: een prinses, die ongeveer vijftien of zestien jaar lijkt te zijn en van een verblindende schoonheid is. Ze heeft iets stralends en goddelijks. Trillend van bewondering treedt hij nader en knielt bij haar neer. 

Met trillende handen geef hij haar het kaartje: Mannaz project – Coaching voor hoogbegaafde en hooggevoelige jongeren - www.mannazproject.com 

Wat rest er nog te vertellen?  Oh ja, ze leefden nog lang en gelukkig.

maandag 25 oktober 2010

Nuttige tips voor het omgaan en begeleiden van een hoog sensitief kind.


Het is een tijdje geleden sedert mijn laatste blog post.  Mijn eigen hooggevoelige dochter is gecrasht.  De laatste maanden was ik druk bezig met het op poten zetten en uitwerken van het Mannaz project.  Zo druk dat ik niet zag dat mijn dochter het er steeds moeilijker mee had dat ik onbereikbaar was.  Want zelfs tijdens de ontspannen momenten samen, zat ik meestal in mijn hoofd verder te werken.  Ja, je kunt weinig verstoppen voor een HSP-er :-)

Ondertussen is Mannaz Gent gestart en start het project in januari ook in Leuven.

Mocht je interesse hebben om mee te werken:  wij zoeken momenteel een projectverantwoordelijke voor Gent - een zestal coaches voor Leuven en een persverantwoordelijke.

Gezien het gedoe van de voorbije weken, deel ik vandaag graag enkele tips voor het omgaan met HSP kinderen.

De tips zijn vooral bedoeld voor leerkrachten.


Nuttige tips voor het omgaan en begeleiden van een hoog sensitief kind.
 
1.      Ga er in de eerste plaats van uit dat elke klas een grote verscheidenheid kent aan genetisch bepaalde temperamenten en dat ongeveer 15 à 20 % van de leerlingen hoog sensitief is. HSK’ s zijn over het algemeen zeer reflectief, intuïtief en creatief, maar ook gewetensvol en gevoelig voor onrecht en pijn van anderen. Deze eigenschap leidt ertoe dat ze makkelijker overweldigd worden zowel fysiek als emotioneel. Laat je niet misleiden door hun terughoudendheid, ze doen er soms gewoon wat langer over om mee te doen.

2.      Blijf op de hoogte van de onderzoeksresultaten op het gebied van temperament en het effect op de verschillende leerstijlen. Help ouders en andere leerkrachten in te zien dat het genetisch bepaalde gedrag niet veranderd kan worden en zeker niet abnormaal is. Door sturing en duidelijke grenzen leert het kind omgaan met zijn karaktereigenschap.

3.      Werk nauw samen met ouders, ze hebben vaak bruikbare inzichten en strategieën ontworpen door ervaring met hun eigen kind. Maar ze hebben ook jouw bevestiging nodig. Het kan zijn dat ze thuis een slim, competent , open kind hebben en dat de situatie op school een heel ander kind laat zien. Praat erover en wissel ervaringen uit.

4.      Als je in de problemen komt met een HSK, consulteer dan vroegere leerkrachten om na te gaan hoe zij tot een goede aanpak gekomen zijn.Elk kind is anders, en elke situatie is anders. Praten kost niets , maar kan een heleboel informatie verschaffen.

5.      Wees creatief met HSK’ s, want zij zijn het ook. Je kan ze bijvoorbeeld vrije opstellen laten schrijven, of ingewikkelde problemen laten oplossen, kies lectuur met een emotioneel kantje. Ze voelen zich ook verbonden met de natuur, een project met planten of dieren in de klas kan hen doen open bloeien.

6.      Probeer in de gaten te houden waardoor het kind precies overprikkeld raakt en probeer een creatieve manier te vinden om de situatie volgende keer anders aan te pakken. Een HSK heeft er nood aan om zich af en toe eens te kunnen terug trekken. Dat kan door kleine dingen. Bijvoorbeeld. Na een lange rekentoets kan het kind overprikkeld zijn. Het is dan druk in zijn/haar hoofd. Laat het even iets totaal anders doen, om even weg te zijn van dat plaatsje in de klas. Laat ze bijvoorbeeld het bord eens proper maken of de visjes eten geven in de klas, of de bloemen water geven.

7.      Zoek een evenwicht tussen pushen en beschermen. Dit is een hele klus voor jou als leerkracht. HSK’s hebben vaak uitdagingen nodig, maar als de uitdaging te moeilijk is, kan dit nadelig worden voor hun zelfvertrouwen. Zorg ervoor dat alles in stappen gebeurt en dat ze na elke stap zo veel succes en waardering oogsten dat ze enthousiast zijn om de volgende stap te zetten.

8.      Verzin manieren om onnodige prikkeling in de klas te voorkomen. Bij jonge kinderen kan je bijvoorbeeld overschakelen naar rustige activiteiten. Oudere kinderen kan je beetje bij beetje meer verantwoordelijkheid geven om zelf om te gaan met overprikkeling. Je kan bijvoorbeeld stellen,dat wanneer ze voelen dat ze hun reactie niet meer onder controle kunnen houden ze zelf even de klas mogen verlaten om te kalmeren, of om zich even terug te trekken met een boekje.

9.      Geef HSK’s de ruimte om in hun eigen tempo te integreren. Natuurlijk is het leuk als alle kleuters meedoen, maar wanneer je geen druk zet op het kind zal je meer voordeel halen uit de situatie. Sommige HSK’s doen er wel een jaar over eer ze zich een beetje thuis voelen in hun klasje. Schenk er ook niet te veel aandacht aan wanneer het kind niet mee wil doen, dat vertraagt enkel het proces.

10. Als je de participatie wilt bevorderen, moet je het niveau van prikkeling laag houden en zorgen dat het kind zich kan ontspannen. Wanneer een stil HSK iets voorleest voor de klas, of je iets vertelt, vang dan de stiltes op en benadruk ze niet. Ga verder op wat het kind wel zegt. Eens het zich vertrouwt voelt,zal het stille kind veranderen in een spraakzame en creatieve leerling.

11. Wees je ervan bewust dat jouw aandacht, ook al is die als ondersteuning bedoeld, de overprikkeling alleen nog maar groter maakt. Kijk het hoog sensitieve kind niet onmiddellijk aan als je over hem/haar praat. Als het kind een spreekbeurt houdt, val het dan niet in de rede met vragen. Wacht tot het einde en vertel iets over je eigen ervaringen, het kind zal spontaan reageren. Reageert het toch niet, ga er dan overheen en schenk er geen aandacht aan .

12. Deel een taak op in kleine stapjes. Dit kan op alle vlakken gebeuren. Wanneer de avondbel gaat, zeg dan rustig wat er moet gebeuren. We maken eerst onze boekentas klaar. Is dat gebeurd, dan gaan we naar buiten, dan de jas aan enz. Ook grote toetsen kan je opdelen. We maken eerst rustig de eerste oefening. Als ze klaar zijn kan je een kijkje nemen en hen meedelen dat ze de volgende stap mogen zetten. Een blad vol rekenoefeningen kan als iets chaotisch overkomen alleen door het uitzicht. Deel het op en de leerling zal meer dan waarschijnlijk tot het resultaat komen dat bij zijn capaciteiten hoort.

13. Stem je beoordeling af op de verschillende temperamenten. Voortgaand op de vorige tip ( n°12) , zet geen druk op de leerling. Zeg niet: “ dit moet goed zijn, want ik weet dat je het kan.” Zet ook geen tijdsdruk op het kind.

14. Informeer HSK’s ruim op voorhand indien er veranderingen gaan gebeuren in de klas, of wanneer er een uitstap gepland is. Leg hen ook het verloop van een uitstap uit, dat bespaart hen een hoop angsten en slapeloze nachten.

15. Leer herkennen welk ongewenst gedrag wordt veroorzaakt door tijdelijke of chronische prikkeling. De beschreven reacties van p. 7 zullen voor elk kind en voor elke situatie anders zijn. Toch zit er voor elk hoog sensitief kind een patroon in. Toon er begrip voor dat het kind overprikkeld is door iets , maar maak duidelijk dat ongewenst gedrag niet getolereerd wordt. Zoek een alternatief om de prikkeling weg te nemen of beter nog laat het HSK zelf aangeven wat in die situatie de beste oplossing zou kunnen zijn voor iedereen op dat moment.

16. Gebruik bij HSK’s geen strenge straffen. Over het algemeen houden ze zich strak aan de regels en volstaat een aanmaning. Voor sommigen is de wetenschap dat ze een fout hebben gemaakt al genoeg om in tranen uit te barsten. Als ze daar bovenop nog eens gestraft worden, berispt of voor schut gezet, dan zullen ze de stress onthouden en die relateren aan jou en niet aan de inhoud van je boodschap.

17. Bekijk je klaslokaal vanuit het perspectief van een HSK. Is je klas rommelig, lawaaiig, warm, koud, stoffig, … ? Dit zijn allemaal details voor de meeste kinderen , maar voor een HSK te veel prikkels.

18. Help HSK’ s bij sociale problemen. Geef ze eerst tijd en ruimte om het zelf aan te pakken, maar wanneer dit niet lukt, praat erover met het kind en eventueel de ouders. Ze maken soms langzamer vrienden dan andere kinderen. Help hen een handje, probeer ze aan  elkaar voor te stellen aan de hand van gezamenlijke interesses. Hun gedrag kan voor onbegrip zorgen bij medeleerlingen en dat kan op zijn beurt dan weer leiden naar uitsluiting en zelfs pesten. Herinner zowel de HSK als de andere leerlingen eraan dat iedereen anders is en dat iedereen respect verdient voor wie hij is.

19. Help HSK’ s om hechte vriendschappen te sluiten. Ze hebben vaak genoeg aan één vriendje of vriendinnetje, maar die is dan wel essentieel.

20. Oudere HSK’s hebben er veel baat bij een volwassen mentor en erkenning voor hun soms ongebruikelijke kwaliteiten. Soms zijn ze op één of twee terreinen al snel toe aan een volwassen benadering. Langs de andere kant kunnen ze vaak zo diep gekwetst zijn, dat ze er onder lijden en geen uitklep meer vinden bij hun leeftijdsgenoten. Spoor hen aan om een expressiemiddel te vinden dat bij hen past.(dans, toneel, schrijven,spreken,…)

Tips met dank aan Nathalie: http://users.telenet.be/HSP2/index.htm

donderdag 7 oktober 2010

Ik ben hooggevoelig

Vandaag graag een tekst van Miek, over het leven als HSP-er



Een stekende pijn trekt door mijn borst heen. Een steek van herkenning van de pijn die je kan hebben als je opgroeit. Alleen zijn in een wereld die jou niet begrijpt, is voor mij een herkenbaar fenomeen. Jarenlang ben ik alleen geweest. Jarenlang heb ik mij aangepast aan de patronen die er om mij heen golden. Keurig zat ik op verjaardagen. Elke keer dezelfde koetjes en kalfjes die langs kwamen in de kring net als de bekende blokjes kaas en plakjes worst. Jarenlang heb ik mij vrijwillig aangeboden de hond wel even uit te laten tijdens deze ‘feestjes’. Samen met de hond liep ik uren alleen.

Nog steeds verbaas ik mij niet op het moment dat iemand mij probeert te begrijpen. Voor velen ben ik een raadsel en zal ik dat blijven. Langzamerhand heb ik ook de drang wel opgegeven om door iedereen begrepen te willen worden. Ook het conformeren aan de diverse gedragsnormen, vormen en regels hoe het moet, lap ik steeds vaker aan mijn laars. Ik ben ik. Ik hou niet van verjaardagen of het in groepjes opzitten. Ik hou niet van sjieke restaurants en opgelegde regels. Ik ben een vrij mens en wie dat niet weet te waarderen, is welkom om te gaan.

Het mooie van hoogsensitief zijn is dat je jezelf zo goed kan inleven in die ander. Je ziet de ander vaak nog beter dan zij zichzelf zien. Als het zou moeten zou je van ieder het levenslied voort kunnen zingen met de juiste intentie van het goed willen doen. Maar… dat brengt je niet tot jezelf. Het brengt je in de huid van die ander.

Alleen zijn heeft mij iets moois gebracht. Ik ben de enige bewoner van mijn hoofd. De enige bewoner van mijn gedachten. De enige belever van mijn belevenissen. Alle kennis die ik opdoe, komt uit mijn leerlessen. Al die lessen ervaar ik in de stilte; de stilte van mijn zijn. De stilte die ik tegenkom als ik loop over het strand. Als ik struin door bos en duinen. Als ik mijn hand leg op de bast van een boom… voel ik de stroom. En dan weet ik… ik ben niet alleen. Wij zijn Al één!

Liefs,
Miek
020210 
met dank aan http://hoogbegaafd-hoogsensitief.hyves.nl/blog/

dinsdag 28 september 2010

Hoogsensitiviteit onthuld en omarmd

Vandaag wil ik een artikel delen dat voor velen misschien 'iets té' spiritueel is.  Maar omdat ik graag een brede kijk op hooggevoeligheid aanbied, vind ik toch dat het hier een plekje verdient.

Het is een artikel door Drs. Bea van Wierst  en werd geplaatst op het Niburu Forum.
 
ntkbabySteeds meer mensen zijn erg gevoelig of zelfs hooggevoelig en reageren heftig op allerlei energieën die ze niet of slecht kunnen verdragen. Meer en meer mensen zijn zo gevoelig dat ze geluiden, kleuren, of vormen waarnemen, die anderen (nog) niet kunnen waarnemen. 

 
Hooggevoelige mensen zijn op Aarde gekomen met een zielegeschiedenis en een energie die vaak fijner is afgestemd dan die van hun omgeving. Als je hooggevoelig bent neem je meer waar, je voelt van alles aan. Je kunt het ook zo zeggen: iedere ziel heeft het vermogen die energie te ervaren die tot zijn of haar beschikking staat, maar bij de één is die meer versluierd dan de ander. 

Je kunt zeggen dat hooggevoeligheid een ontwikkelde energie is. Het is een energie van het hart, een energie die gericht is op verbinding, op begrip en liefde. Hooggevoelige mensen verlangen ernaar een meer harmonieuze vreedzame omgeving te scheppen waarin ze echt kunnen delen met elkaar. Waar je eerlijk en open met elkaar kunnen uitwisselen.
Eigenlijk is het een verlangen naar het paradijs of de Hemel op Aarde. En iets willen doen om de Hemel op Aarde te willen brengen.  

Aan de ene kant neem je waar als een hoogontwikkeld wezen, voel je veel en wil je de ander tot steun zijn - de meeste hooggevoelige mensen zijn natuurlijke helers. Aan de andere kant is veel informatie ongefilterd binnengekomen vanuit de oude energie, informatie die veelal gebaseerd is op angst, op controle houden en macht. Er was iets wat niet mee-resoneerde met jou. Je werd niet helemaal herkend, sterker nog: het belangrijkste deel van jou werd niet herkend in je omgeving. 

Als je voelt dat wat jij te bieden hebt niet ontvangen wordt, dat dit niet goed aankomt, dan grijp je terug op oude stukken in jezelf, zoals bijvoorbeeld het kind in je dat in een soort wanhoop schiet en allerlei maatregelen gaat nemen die je verder van huis brengen. Je gaat dan bijvoorbeeld teveel je best doen voor anderen, teveel verantwoordelijkheid nemen, of jezelf doorlopend beoordelen en bekritiseren.
“Het zal wel aan mij liggen, ik ben niet goed genoeg, ik moet mij aanpassen”, en zo zie je dat je het mooiste stuk in jezelf dan eigenlijk te grabbel gooit. Vervolgens voel je je slecht over jezelf, en ook leeg en uitgeput. Want als je niet jezelf mag zijn, in dat gevoelige stuk wat zo bij je hoort, in die hoger ontwikkelde energie, wat moet je dan? 

Dat is de kunst van het hooggevoelig zijn hier en nu op Aarde: dat je werkelijk bij jezelf kunt zijn en je je (naast verbinden) ook totaal kunt losmaken van je omgeving. En daarmee bedoelen we vooral losmaken van de oude energie in je omgeving die nog mee-vibreert op angst en controle. 


Hoogsensitieve mensen zijn pioniers
Het eerste is de gevoeligheid zelf, dus het waarnemen van emoties en stemmingen buiten je. Het tweede ding is: wat doe je daarmee? Hoe reageer je daarop?  

Gevoeligheid wil eigenlijk alleen zeggen dat je veel voelt en waarneemt. Maar dat is het probleem niet. Het probleem is dat je de gevoelens en energieën van anderen niet door je heen kunt laten stromen, maar dat je ze vasthoudt. 

Sterrenkinderen, pas geboren “nieuwetijdskinderen”, maar ook vele 30-ers, zijn als lichtwezens uit andere sterrenstelsels allemaal hier op Aarde geboren als gevoelige kinderen, die meer waarnamen dan hun ouders. Bij veel zit er (een) pijn uit de jeugd, waar je op dat moment als kind niet uitkwam.
Door mee te lijden met je vader of moeder of je familie, lijk je een stuk van hun last op je te nemen en op te lossen, en het was ook vaak de enige manier om aansluiting te vinden met de omgeving. Dus je verlaagde eigenlijk je energetische trilling, om van dienst te kunnen zijn, om een verbinding te maken. 
In heel veel mensen is een soort “helpsyndroom” ontstaan: je voelt de energie van de ander, en automatisch wil je je inzetten voor de ander en gaan helpen. 

Veel mensen hebben naar substituten gezocht als kind, om zich toch een beetje goed te voelen, een beetje veilig te voelen. En daar ligt de werkelijke uitdaging voor alle hooggevoeligen. Om dat stuk uit het verleden, je pijnlichaam (naar Eckhart Tolle) of je innerlijk kind te gaan leren begrijpen en om dat vrij te maken. Dat is namelijk wat nu vaak blokkeert om echt vrij en vreugdevol te genieten van je hooggevoeligheid en van het leven hier op Aarde.

|

Bezoek voor meer actueel nieuws en reacties het Niburu Forum.