woensdag 9 maart 2011

Oorzaken van onderpresteren op school


(afbeelding met dank aan Dorien Kok)

Ik wilde in deze blog post graag nog even verder gaan over het thema onderpresteren, omdat dit een 'gegeven' is wat toch kenmerkend is voor veel hooggevoelige jongeren.
Nog even duidelijk stellen dat dit de visie is van Renata Hamsikova.

Oorzaken van onderpresteren op school
1) Structuur
Kinderen met een Attention Deficit Disorder, in het bijzonder die met hyperactiviteit of veel energie zijn gebaat bij structuur in de klas. Ze zijn snel afgeleid door beweging en geluid. Ook kinderen die één-op-één begeleid worden zullen, terug in de klas, steeds de aandacht van de leerkracht vragen indien er geen structuur is.

2) Competitie
Onderpresteerders kunnen niet goed omgaan met competitie. Ze zijn slechte verliezers en ze willen niet betrokken worden bij activiteiten tenzij ze zeker weten dat ze winnen. Ze geven hun probleem bijna nooit toe en begrijpen het soms niet eens. Ze worden boos, stoppen, verzinnen smoesjes en geven op. Ze neigen er naar dingen in een competitief kader te zien maar zijn bang om te falen, omdat ze zo graag willen winnen. Hoe vaker ze zichzelf zien als verliezer, hoe minder ze geneigd zijn tot volgende pogingen.
Onderpresteerders zijn zich niet bewust van het effect van competitie op hun presteren. Ze maken slechts commentaar over de klas, dat ze de klas en de kinderen die hen verslaan niet leuk vinden. Wanneer onderpresteerders moeten strijden tegen hun eigen eerdere prestaties, ervaren ze dat als bemoedigend, omdat verliezen minder dreigend lijkt. Als ze zichzelf verbeteren en strijden met hun eerdere tegenslagen, helpt hen dat zichzelf als competent te zien. Ook teamcompetitie kan daarbij helpen. Wanneer de klas moet strijden tegen een andere klas, zal wordt winst of verlies ervaren door de groep. Teamcompetitie helpt de groepssolidariteit te koesteren en geeft kinderen een reden om te willen bijdragen.
De kinderen zouden beide ervaringen moeten hebben, zowel winnen als verliezen.

3) ?Labeling?
Labeling beïnvloedt de verwachtingen van het kind zelf en ook de verwachtingen van de leerkracht. De verwachtingen die de leerkracht heeft van een kind kunnen een dramatisch effect hebben op de prestaties van het kind en diens zelfbeeld (dus ook te lage verwachtingen).

4) Negatieve aandacht
Zoals eerder gezegd zijn kinderen die onderpresteren vaak afhankelijk van aandacht. Hun vroege jeugd heeft in het teken gestaan van excessieve aandacht en/of afhankelijke of dominante manipulaties. Ze doen het goed in een één-op-één omgeving maar kunnen zich moeilijk aanpassen in een klas waar ze niet zo veel aandacht krijgen. Ze kunnen de symptomen van ADD (Attendion Deficit Disorder) laten zien, ook al hebben ze geen biochemische problemen. Ze zijn steeds op zoek naar aandacht.
Wanneer ze positieve aandacht krijgen, presteren ze, maar veel van deze kinderen vinden het gemakkelijker om negatieve aandacht te vragen.
Wat de houding van de ouders betreft: verandering in verwachtingen, het aanmoedigen van onafhankelijkheid, alsmede versnelling (met behulp van een privé-leraar) kunnen deze kinderen aanzienlijk helpen.
Tips voor de leerkracht: - ?Barbie-symptomen? van spanning zijn vaak een indicatie van onvoldoende ervaring met druk of een gebrek daaraan.
- Bij kleuters kan het met stickers belonen van positief gedrag helpen.
- De sensitiviteit en empathie van deze kinderen is positief zolang deze niet wordt overdreven. De boodschap die belangrijk is voor prestaties en een bevredigend leven is dat iedereen verder moet met zijn leven, ongeacht de problemen (niet te veel betuttelen).
- Wanneer een kind zich niet goed gedraagt in de klas, wordt het vaak publiekelijk aangesproken. Maar onderzoek en ervaringen van ouders geven aan dat dit de negatieve aandacht alleen maar versterkt. Beter is het een signaal met het kind af te spreken wanneer het zijn gedrag moet aanpassen, dan wel het kind apart aanspreken. Op die manier wordt de negatieve aandacht omgezet in positieve en verbetert het gedrag van het kind.
- Wanneer een kind opdrachten niet afmaakt, is het beter dit niet in de pauze te laten afmaken. Het kind geniet dan van speciale aandacht en hulp van de leerkracht die hij krijgt wanneer de andere kinderen weg zijn en zal dan blijven doorgaan met zijn werk onafgemaakt te laten tijdens de lessen.

5) Verveling
Het woord dat vaak gehoord wordt van onderpresterende kinderen is saai. Het woord saai moet echter bij verschillende kinderen verschillend worden geïnterpreteerd.
Voor sommige kinderen betekent dit dat het werk te zwaar is; voor anderen betekent het dat het te simpel is.
Het zou kunnen betekenen
  • ik ben bang voor de competitie
  • de leerkracht moet het op mijn manier doen
  • ik zit in een machtsstrijd met de leerkracht
  • ik vind het onderwerp niet leuk
  • Ik zou liever met vrienden praten, voetballen of TV kijken
Voor weer andere kinderen betekent dit écht dat het werk oninteressant is.
Zowel te simpel als te moeilijk materiaal kan onderpresteren veroorzaken. Vaak is het echter een te laag niveau dat aanzet tot onderpresteren. De kinderen ervaren dat schoolwerk altijd gemakkelijk is en ze leren niet zich in te spannen. In de hogere klassen en op de middelbare school krijgen ze dan enorme problemen, want ze hebben niet geleerd om te leren en ze zijn nooit uitgedaagd. Kinderen moeten de relatie tussen inzet en resultaat vroeg leren. Hierdoor krijgen ze het gevoel van interne controle dat presteerders onderscheidt van onderpresteerders.
Voor de leerkracht: de leerkrachten zouden alert moeten zijn op de kwaliteit van de vaardigheden van de kinderen, zodat ze de nodige hulp en/of uitdagingen kunnen bieden.

6) Individualisatie versus conformeren
De oorzaken van onderpresteren in een klas omvatten o.a. de leefomgeving van een klas waar de structuur te star is of juist te vrijblijvend; er is te veel strijd; kinderen hebben een etiket; er is veel negatieve aandacht of er is verveling veroorzaakt door een verkeerde combinatie tussen de vaardigheden van het kind en het aangeboden niveau van de leerstof.
Al deze problemen kunnen worden gereduceerd tot een debat: individualisatie versus conformeren. In de klas moet evenwicht worden gevonden tussen individuele aandacht die de kinderen krijgen en aandacht voor de gehele klas. Kinderen moeten de gelegenheid krijgen hun sterke leerpunten te benutten. Het is echter onrealistisch om hen de boodschap mee te geven dat onderwijs altijd aan hun behoefte kan worden aangepast.
Voor de leerkracht: starheid is geen oplossing, maar duidelijke leiding met redelijke flexibiliteit is voor alle kinderen goed, zowel presteerders als onderpresteerders.

1 opmerking:

  1. U raakt mijn ziel. Structure begeleiding die voortvloeit naar teamsport waardoor labeling op zijn plaats is en aandacht positief wordt voorkomt verveling die het individu stimuleren om te conformeren, ter meerdere glorie van het grotere geheel. Als 32 jarige werkloze, na 16 jaar werken voor 32 wergevers, 3 hbo pogingen en verhuizingen naar adressen in het beton, weet ik inmiddels dat het leven wel een fijne werkplek is voor mij.
    Dank u wel voor uw uitgebreide uiteenzetting.
    writemaarten@gmail.com, Maarten Schuyl

    BeantwoordenVerwijderen